U kunt arceringen in onderdelen, aansluitende onderdelen en doorsneden in een tekening als vullingen gebruiken. U kunt automatische arceringen of handmatige arceringen gebruiken.
Beperkingen
Er zijn enkele beperkingen bij het gebruik van de achtergrondkleur van een arcering:
-
Achtergrondkleur werkt niet in combinatie met hardwarearceringen.
-
De achtergrondkleur heeft geen effect als er een automatische arcering beschikbaar is. De achtergrondkleur kan alleen worden gewijzigd als de automatische arcering niet voor het materiaaltype is gedefinieerd.
U kunt ook vullingen gebruiken in schetsobjecten (rechthoeken, polygonen, cirkels). Voor meer informatie, raadpleegt u Schetsobjecten in tekeningen tekenen.
U voegt als volgt een arcering aan een onderdeel toe:
-
Klik op het tabblad Tekeningen & Lijsten op Tekeningeigenschappen en selecteer het tekeningtype.
-
Laad tekeningeigenschappen die zo dicht mogelijk aansluiten aan degene die u nodig hebt.
-
Onderdeel-, merk- en betontekeningen: Klik in de optiestructuur aan de linkerzijde op Maken aanzicht, selecteer het aanzicht en de eigenschappen die u wilt wijzigen en klik op Aanzichteigenschappen.
-
Klik op Onderdeel en ga naar het tabblad Vullen.
-
Selecteer de arcering in de lijst Type. Selecteer Automatisch of een handmatig arceerpatroon.
-
Definieer een kleur voor de arcering in het vak Kleur.
-
Definieer een achtergrondkleur voor de arcering in het vak Achtergrond.
U kunt de achtergrondkleur pas instellen nadat u eerst een arcering hebt geselecteerd. U kunt een standaardkleur gebruiken of een eigen RGB-kleur definiëren. Als u Geen selecteert, dan wordt de achtergrondkleur van de tekening gebruikt als achtergrondkleur voor de arcering.
-
Selecteer in Schaal of een automatische of aangepaste verschaling en rotatie voor arceringen moet worden gebruikt.
Als u automatische verschaling en rotatie selecteert, verschaalt Tekla Structures de arcering automatisch om aan de profielgrootte te voldoen en u hoeft niet elke tekening handmatig te bewerken. Als u Aangepast selecteert voor verschaling en rotatie:
-
Voer de schalen in Schaal in x-richting en Schaal in y-richting in en selecteer of u Behoud verhouding x en y wilt.
-
Geef de rotatiehoek op in het vak Hoek. Hoek 0,0 staat voor horizontaal en 90,0 voor verticaal.
-
Onderdeel-, merk- en betontekeningen: Klik op Opslaan om de aanzichteigenschappen op te slaan. Ga vervolgens terug naar de tekeningeigenschappen door op Sluiten te klikken.
-
Overzichttekeningen: Klik op OK om naar de tekeningeigenschappen terug te gaan.
-
Klik op Opslaan om de tekeningeigenschappen op te slaan, klik vervolgens op OK en maak de tekening.
Opmerking:
Als de arceringen niet in de tekening worden weergegeven, moet u het logboek van de sessiehistorie op de volgende melding controleren:
"Solid warning: Clipped part Id: XXXX was created with second fall back and may contain overlapping volume and area."
"Solid warning: Pour Id: XXX was created with second fall back and may contain overlapping volume and area."
Het is meestal voldoende dat u een onderdeel of een uitsnijding iets verplaatst, mogelijk 1 mm in een willekeurige richting.
Voorbeeld 1
In het voorbeeld hieronder zijn de volgende arceringsopties voor doorsneden geselecteerd:
Schaal: Aangepast
Schaal in x-richting: 0.25
Schaal in y-richting: 0.50
Behoud verhouding x en y is geselecteerd.
Hoek: 10.00
Insitu- en prefab-arceringen gebruiken verschillende automatische arceringen afhankelijk van het type betonelement. U moet het juiste type betonelement in de eigenschappen van het betonnen onderdeel selecteren.
Voorbeeld 2
U kunt de volgende arceringstypen voor isolatie gebruiken:
Deze arceringstypen kunnen worden verschaald en geroteerd.
|
Naam arcering
|
Patroon
|
|
HARD_INS1
|
 |
|
SOFT_INS
|
|
|
SOFT_INS2
|
|
Voorbeeld 3
Hieronder ziet u een voorbeeld van het gebruik van echte grijstinten in arceringen:
De echte grijstinten zijn in de onderstaande afbeelding met rood gemarkeerd.
De grijswaarden (130 - 133) zijn ook beschikbaar voor automatische arceringen.