De weergave-instellingen aanpassen
In het Weergave dialoogvenster kunt u definiëren hoe onderdelen en andere modelobjecten worden weergegeven in het model.
De zichtbaarheid en weergave van modelobjecten instellen
U kunt de zichtbaarheid en weergave voor verschillende typen modelobjecten afzonderlijk definiëren in het dialoogvenster Weergave.
Als u de zichtbaarheid van objecten in het model en in componenten snel wilt wijzigen, gebruikt u de contextuele werkbalk. Klik op het venster en stel met het oogpictogram op de contextuele werkbalk de zichtbaarheid in.

Instellingen voor zichtbaarheid en weergave
In het dialoogvenster Weergave kunt u de instellingen voor de zichtbaarheid en weergave van modelobjecten bepalen. Sommige instellingen kunnen van invloed zijn op de systeemprestaties.
|
Optie |
Beschrijving |
|---|---|
|
Tabblad Instellingen |
|
|
Onderdelen |
Selecteer hoe onderdelen worden weergegeven. Snel gebruikt een snelle tekeningtechniek die interne verborgen randen weergeeft maar uitsnijdingen overslaat. De instelling heeft niet automatisch effect op reeds gemodelleerde onderdelen. Wanneer u deze instelling inschakelt, wordt de snelle weergavemodus alleen toegepast op nieuwe onderdelen en op onderdelen die met het commando Toon met exacte lijnen worden weergegeven. Exact geeft de uitsnijdingen weer maar verbergt de interne verborgen lijnen van onderdelen. Referentielijn toont onderdelen met behulp van onderdeelreferentielijnen. Met deze optie neemt de snelheid aanzienlijk toe wanneer u het hele model of grote delen daarvan weergeeft. Insitu-betonstructuren kunnen worden weergegeven als Storten of als Onderdelen die Samengevoegd of Gescheiden kunnen zijn. Raadpleeg voor meer informatie Betonstructuren in-situ-storten van betonstructuren. |
|
Bouten |
Selecteer hoe bouten worden weergegeven. Snel geeft de as weer en een kruis om de boutkop weer te geven. Dit kan de aanbevolen weergavemodus voor bouten zijn, omdat dit de weergavesnelheid aanzienlijk verbetert en er minder systeemgeheugen wordt gebruikt. Exact geeft bouten, ringen en moeren als objecten weer. |
|
Gaten |
Selecteer hoe gaten worden weergegeven. Snel geeft alleen de cirkel in het eerste vlak weer. Als u deze optie gebruikt, worden in Tekla Structures altijd snelle gaten op het eerste onderdeel weergegeven (tellend vanaf de kop van de bout). Als er onderdelen met sleufgaten zijn, wordt er een sleufgat op het eerste onderdeel weergegeven, zelfs als het gat in dat onderdeel geen sleufgat is. Het nieuwe sleufgat heeft dezelfde afmeting en rotatie als het eerste sleufgat (tellend vanaf de kop van de bout). Gaten die zich buiten een onderdeel bevinden, worden altijd als snelle gaten getoond. Exact geeft gaten als objecten weer. Exacte sleufgaten geeft alleen sleufgaten in de exacte modus en normale gaten in de snelle modus weer. |
|
Lassen |
Selecteer hoe lassen worden weergegeven. Snel geeft een symbool voor lassen weer. Exact geeft lassen als objecten weer en geeft de lassymbolen weer. Als u lassen selecteert, worden de laslabels weergegeven. Exact - geen laslabel geeft lassen als objecten weer maar geeft geen lassymbolen of laslabels weer wanneer u lassen selecteert. Raadpleeg voor meer informatie De zicht baarheid en het uiterlijk van lassen instellen. |
|
Constructievlakken |
Selecteer hoe constructievlakken worden weergegeven. |
|
Wapeningsstaven |
Selecteer hoe wapeningsobjecten worden weergegeven. Snel geeft de vorm van wapeningsnetten met een omtrekpolygoon en een diagonale lijn weer. Afzonderlijke wapeningsstaven en de staafgroepen worden als objecten weergegeven. Exact geeft wapeningsstaven, staafgroepen en wapeningsnetten als objecten weer. |
|
Tabblad Geavanceerd |
|
| Onderdeellabel |
Raadpleeg Informatie over onderdelen en wapening weergeven door middel van onderdeel- en staaflabels. |
| Staaflabel | |
| Puntgrootte |
Selecteer het uiterlijk van de punten en onderdeelhandles en wijzig de puntgrootte. Met de optie In model vergroot u de puntgrootte in het scherm wanneer u inzoomt. De optie geeft punten (op het kijkvlak en buiten het kijkvlak) en onderdeelhandles weer als 3D-kubussen.
De puntgrootte wordt niet vergroot met de optie In venster. Met de opties worden punten (op het kijkvlak en buiten het kijkvlak) en onderdeelhandles als platte tweedimensionale objecten weergegeven.
U kunt de grootte van de onderdeelhandles wijzigen met de variabele XS_HANDLE_SCALE. Andere punteigenschappen kunt u wijzigen in de punteigenschappen. |

