Trap (S71)
Trap (S71) maakt rechte trappen met optionele bordessen beneden en boven. De trap bestaat uit trapbomen, eventuele bordessen en de treden zelf.
Gemaakte objecten
- Trapbomen
- Treden
- Bordessen (optioneel)
- Haakjes
- Platen (optioneel)
- Uitsnijdingen (optioneel)
- Bouten
- Lassen
Gebruiken voor
|
Situatie |
Beschrijving |
|---|---|
|
|
Trap met horizontaal boven- en onderbordes. |
|
|
U-profieltreden met tredesteunen. De tredesteunen worden aan de trapbomen gelast en met bouten aan de treden bevestigd. |
|
|
Trap met trapbomen aan de ondersteunende ligger geraveeld. Treden zijn databasetreden. U kunt ook uw eigen gebruikerscomponenten als treden gebruiken. |
Voordat u begint
Als de trapbomen geraveeld zijn, moet u de ondersteunende liggers maken voordat u de trap maakt.
Selectievolgorde
- Wijs een punt aan om het punt van de neus van de eerste trede aan te geven.
- Wijs een volgend punt aan om het punt van de neus van de laatste trede aan te geven.
De volgorde waarin de punten worden aangewezen, is niet van invloed.
- Klik met de middelste muisknop om de trap te maken.
Als u op het tabblad Afbeelding de volgende geraveelde opties hebt geselecteerd, selecteert u de ondersteunende liggers en klikt u vervolgens met de middelste muisknop.
Identificatiecode onderdeel
| Onderdeel | |
|---|---|
|
1 |
Trapboom |
|
2 |
Trede |
|
3 |
Bordessen |
Tabblad Afbeelding
Op het tabblad Afbeelding definieert u de bordestypen en de vorm en locatie van de trapbomen ten opzichte van de punten die u bij het maken van de trap hebt aangewezen.
Typen bovenbordes
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Horizontaal Deze optie kan worden gewijzigd met behulp van AutoDefaults. |
|
|
Horizontaal |
|
|
Geraveeld De bovenkant van de trapboom bevindt zich op het ondersteunende onderdeel. Verticale en horizontale platen worden aan het einde van de trapboom gelast. |
Typen onderbordes
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Horizontaal Deze optie kan worden gewijzigd met behulp van AutoDefaults. |
|
|
Verticaal Er wordt een verticaal bordes gemaakt waarbij het lagere punt zich op het bovenvlak van de laatste trede bevindt. |
|
|
Horizontaal Er wordt een horizontaal bordes gemaakt waarbij het lagere punt zich op het bovenvlak van de laatste trede bevindt. |
|
|
Verticaal verlaagd punt Er wordt een verticaal bordes gemaakt waarbij het lagere punt zich op het bovenste staal of het vloerniveau bevindt. |
|
|
Horizontaal verlaagd punt Er wordt een horizontaal bordes gemaakt waarbij het lagere punt zich op het bovenste staal of het vloerniveau bevindt. |
|
|
Geraveeld Hiermee maakt u een raveling aan de onderzijde van de trapboom. Er wordt een verticale plaat aan het einde van de trapboom gelast. |
Trapmaatlijnen
| Beschrijving | Standaard | |
|---|---|---|
|
1 |
Definieer de afstand tussen het bovenste punt en het einde van het linker bovenbordes. Als u de waarde op 0 mm instelt, wordt het linker bovenbordes niet gemaakt. Als u het type bovenbordes op 'geraveeld' instelt, moet u de afmeting van de uitsnijding van de horizontale plaat vanaf de trapboomrand definiëren. |
0 mm |
|
2 |
Definieer de verticale afstand vanaf het bovenste punt naar de bovenzijde van het staal van het bovenbordes. Als het bovenbordes niet wordt gemaakt, wordt de bovenzijde van het staal van de trapboom gebruikt. Als u het type bovenbordes op 'geraveeld' instelt, moet u de verticale afstand vanaf het bovenste punt tot de bovenste horizontale snede van de trapboom definiëren. |
200 mm |
|
3 |
Definieer de maximaal toegestane afstand tussen twee opeenvolgende treden. De tussenafstand tussen de treden wordt berekend met het type tredetussenafstand Exact of Gelijk en het aantal treden. Als de hoogte van de trede bijvoorbeeld 200 mm moet zijn, maakt de instelling Exact treden met precies deze hoogte. Voer het aantal treden in als een geheel getal. De instelling Gelijk maakt het vereiste aantal treden van de onderkant tot aan de bovenkant, met de hoogte zo dicht mogelijk bij 200 mm berekend. |
(Z*220)/(Z+220) mm, waarbij Z de verticale afstand tussen twee aangewezen punten is. |
|
4 |
Selecteer de richting van de neusafmeting van de treden:
Definieer de neusafmeting van de treden. Deze afmeting hangt af van de richting die u hebt geselecteerd. |
Verticaal 0 mm |
|
5 |
Definieer deze afmeting op basis van het geselecteerde type onderbordes:
|
150 mm |
|
6 |
Definieer de verticale afmeting vanaf het lagere punt tot de eerste trede. U kunt deze maatlijn definiëren als het type tredetussenafstand is ingesteld op Gelijk en het type benedenbordes een verticaal of horizontaal verlaagd punt is. |
Is gelijk aan de verticale afstand tussen treden |
|
7 |
Definieer de afmeting van de uitsnijding van de verticale plaat vanaf de trapboomrand. U kunt deze afmeting definiëren als het type van het onderbordes als 'geraveeld' is ingesteld. |
0 mm |
|
8 11 |
Definieer deze afmeting op basis van het geselecteerde type onderbordes:
|
600 mm |
|
9 |
Definieer de verticale ruimte tussen het lagere ondersteunende onderdeel en de trapboomneus. U kunt deze afmeting definiëren wanneer u het type van het onderbordes als 'geraveeld' hebt ingesteld. |
0 mm |
|
10 |
Definieer de horizontale ruimte tussen het lagere ondersteunende onderdeel en de trapboomneus. U kunt deze afmeting definiëren wanneer u het type van het onderbordes als geraveeld hebt ingesteld. |
0 mm |
|
12 |
Definieer de afmeting om de treden aan beide zijden evenredig in te korten. |
0 mm |
|
13 |
Definieer de breedte van de treden. |
1000 mm |
|
14 |
Definieer de horizontale ruimte tussen het bovenste ondersteunende onderdeel en de trapboomneus. U kunt deze afmeting definiëren wanneer u het type van het bovenbordes als 'geraveeld' hebt ingesteld. |
0 mm |
|
15 |
Definieer de verticale ruimte tussen het bovenste ondersteunende onderdeel en de trapboomneus. U kunt deze afmeting definiëren wanneer u het type van het bovenbordes als 'geraveeld' hebt ingesteld. |
0 mm |
|
16 |
Definieer deze afmeting op basis van het geselecteerde type bovenbordes:
Als u deze afmeting op 0 mm instelt, wordt het bovenbordes niet gemaakt. |
0 mm |
|
17 |
Selecteer het type tredeafstand:
Het afstandstype bepaalt hoe de verticale afstand tussen de treden wordt berekend. Als u Exact selecteert en het type benedenbordes instelt op het horizontale of verticale lagere punt, wordt de afstand tussen de treden vanaf het bovenste punt tot het lagere punt berekend. In alle andere gevallen wordt de afstand tussen de treden van het lagere punt tot het bovenste punt berekend. |
Gelijk |
|
18 |
Voer het aantal treden in. Deze optie is afhankelijk van het afstandstype van de treden en de tredeafstand. Als u het type tredetussenafstand instelt op Exact of Gelijk en de tussenafstand niet is gedefinieerd, maakt Trap (S71) het aantal treden dat u hebt gedefinieerd. |
Offset verticaal bordes
Definieer de verticale offset voor het linker- en rechter horizontale bordes aan de boven- en onderzijde van de trapbomen.
Tabblad Instellingen trap
Op het tabblad Instellingen trap definieert u de onderdeeleigenschappen, de bovenste en onderste treden, de positie van de trap op het horizontale vlak en de rotatie van de trapbomen en treden.
Eigenschappen van traponderdelen
| Onderdeel | Beschrijving | Standaard | |
|---|---|---|---|
|
1 |
Linker trapboom |
Wordt altijd gemaakt Selecteer een profiel uit de profieldatabase. |
BLU400*2 De standaardnaam is TRAPBOOM. |
|
1 |
Rechter trapboom |
Wordt altijd gemaakt Selecteer een profiel uit de profieldatabase. |
BLU400*2 De standaardnaam is TRAPBOOM. |
|
2 |
Onderste V plaat |
Wordt alleen gemaakt als de bovenzijde van de trapboom zich op het ondersteunende onderdeel bevindt. |
6 mm De standaardnaam is PLATE. |
|
3 |
Bovenste V plaat |
Wordt alleen gemaakt als de bovenzijde van de trapboom zich op het ondersteunende onderdeel bevindt. |
6 mm De standaardnaam is PLATE. |
|
4 |
Lage V-plaat |
Wordt alleen gemaakt als de onderzijde van de trapboom zich op het ondersteunende onderdeel bevindt. |
6 mm De standaardnaam is PLATE. |
|
5 |
Trede database |
Wordt alleen gemaakt als Trede profiel is ingesteld op Trede database. In dit geval worden de U-treden, steunen en bouten die op andere tabbladen zijn gedefinieerd, genegeerd. |
Het eerst profiel in de lijst Trede database dat in het tekstbestand steps.dat in de map systeem is gedefinieerd. De lijst wordt aan de geselecteerde omgeving aangepast. De standaardnaam is STEP. |
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Pos.nr. |
Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel. Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren. |
Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu . |
|
Materiaal |
Materiaalkwaliteit. |
Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu . |
|
Naam |
De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven. |
|
|
Klasse |
Onderdeelklassenummer. |
|
|
Afwerking |
Beschrijft hoe het oppervlak van het onderdeel is behandeld. |
Instellingen trap
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Trede profiel |
|
|
Merk maken |
Selecteer welke objecten van de trapcomponent een merk vormen. De standaard is trapbomen. Deze instelling bepaalt alleen welke lasobjecten worden gemaakt. Het heeft geen invloed op het type lassen. Selecteer het lastype in het dialoogvenster Lassen. Houd er rekening mee dat lassen van het type Locatie geen deel uitmaken van het merk.
|
|
Referentielijn trapboom |
De referentielijn wordt voor werkplaatstekeningen gebruikt. |
|
Rotatie treden |
Rotatie van de trede rond zijn as. De standaardwaarde is Boven. |
|
Positie in vlak |
Positie van de trap. De hartlijn van de treden wordt als referentielijn gebruikt. De standaardwaarde is Rechts. |
|
Offset |
De offset van de trap op het vlak vanaf de positie die is ingesteld in de optie Positie in vlak. De standaardoffset is 0 mm. |
|
Bouttype |
Selecteer het bouttype voor de databasetrede. Als u de optie Werkplaats selecteert, worden de bouten weergegeven in merktekeningen voor de werkplaats in de lijst met werkplaatsbouten. |
|
Bouttolerantie |
Definieer de bouttolerantie voor de databasetreden. |
|
Trapboomrotatie |
Rotatie van de trapboom rond zijn as. De standaard is boven |
|
Bovenste trede maken |
Definieer of de eerste trede van de trap (de bovenste trede) moet worden gemaakt. De eerste trede wordt standaard gemaakt. |
|
Onderste trede maken |
Definieer of de laatste trede van de trap (de onderste trede) moet worden gemaakt. De laatste trede wordt standaard gemaakt. |
Tabblad Treden
Op het tabblad Treden stelt u de vorm en de grootte van U-treden in. In plaats van een U-trede kunt u treden maken met behulp van een databaseprofiel of een gebruikerscomponent van het type onderdeel of een component.
Afmetingen U-trede
| Beschrijving | Standaard | |
|---|---|---|
| 1, 2, 10, 11 |
Definieer de waarden voor de afwerkingen aan beide zijden van de trede. Selecteer het afwerkingstype om de vorm van de hoek aan de voor- en de achterzijde van de trede in te stellen. |
15 mm |
| 3 |
Definieer de hoek van de trede ten opzichte van de horizontale lijn. De hoek kan positief of negatief zijn. |
0 graden |
| 4, 12 |
Definieer de hoogte van de trede. |
100 mm |
| 5, 13 |
Definieer de lengte van het horizontale deel van de U-trede. |
50 mm |
| 6, 7 |
Definieer de hoek van het verticale deel van de trede ten opzichte van een verticale lijn. De hoek kan positief of negatief zijn. |
0 graden |
| 8 |
Definieer de dikte van het materiaal van de U-trede. |
10 mm |
| 9 |
Definieer de breedte van de trede. |
Tredesteunlengte * 1/0,7 |
Type trede
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Benen U-trede omhoog Deze optie kan worden gewijzigd met behulp van AutoDefaults. |
|
|
Benen U-trede omhoog |
|
|
Benen U-trede omlaag |
|
|
Aangepast Definieer de aangepaste profielopties. |
Aangepast profiel
| Optie | Beschrijving | Standaard |
|---|---|---|
| Tredeprofiel |
Selecteer een profiel uit de profieldatabase. U kunt een tredeprofiel selecteren wanneer het Trede profiel is ingesteld op aangepast en de optie Onderdeelnaam/Component nr. niet is ingesteld. |
PL100*80 De standaardnaam is STEP. |
| Onderdeelnaam/Component nr. |
Selecteer een gebruikerscomponent van het type Onderdeel of een verbinding uit de database Applicaties en componenten. |
U kunt een ander gebruikersonderdeel of een andere verbinding selecteren voor de middelste stappen, de laatste stap en de eerste stap. |
| Attribuut bestand |
Selecteer het attribuutbestand. |
standaard |
| Positie verticaal |
Selecteer de verticale dieptepositie van een trede die als gebruikerscomponent van het type onderdeel is gemaakt. Als u een aangepaste verbinding gebruikt, wordt deze optie niet gebruikt. |
Midden |
| Horizontale positie |
Selecteer de horizontale positie in het vlak van een trede die als gebruikerscomponent van het type onderdeel is gemaakt. Als u een aangepaste verbinding gebruikt, wordt deze optie niet gebruikt. |
Midden |
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Pos.nr. |
Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel. Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren. |
Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu . |
|
Materiaal |
Materiaalkwaliteit. |
Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu . |
|
Naam |
De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven. |
|
|
Klasse |
Onderdeelklassenummer. |
|
|
Afwerking |
Beschrijft hoe het oppervlak van het onderdeel is behandeld. |
Tabblad Beugels
Op het tabblad Trede steun kunt u beugels, de verbinding tussen de beugels en de treden en de beugels en de trapbomen instellen. De beugels ondersteunen de hoekprofielen onder de treden.
Tredesteun
| Onderdeel | Beschrijving | Standaard |
|---|---|---|
| L-profiel |
Selecteer een profiel in de profielendatabase om een L-profiel te maken. |
BLL80*80*10 De standaardnaam is L-profiel. |
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Pos.nr. |
Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel. Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren. |
Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu . |
|
Materiaal |
Materiaalkwaliteit. |
Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu . |
|
Naam |
De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven. |
|
|
Klasse |
Onderdeelklassenummer. |
|
|
Afwerking |
Beschrijft hoe het oppervlak van het onderdeel is behandeld. |
Beugelafmetingen
| Beschrijving | |
|---|---|
|
1 |
Definieer de lengte van de tredesteun. De standaardlengte wordt op basis van de boutafmetingen tredesteun-naar-trede of tredesteun-naar-trapboom berekend, afhankelijk van welke groter zijn. |
|
2 |
Definieer de offsetmaatlijn van de tredesteun vanaf de hartlijn van de trede. De standaardwaarde is 0 mm. |
Verbinding tredesteun-naar-trede
Definieer de eigenschappen van de bouten die de tredesteun met de trede verbinden.
| Beschrijving | |
|---|---|
|
1 |
Definieer de basiseigenschappen van de bout:
|
|
2 |
Selecteer of er wel of geen tredesteunen worden gemaakt. |
|
3 |
Definieer de boutgroepmaatlijnen. |
|
4 |
Selecteer het verbindingstype tussen de treden en de tredesteunen:
|
|
5 |
Selecteer de boutrichting. |
|
6 |
Definieer de eigenschappen van sleufgaten:
|
|
7 |
Definieer de exacte lengte van de bouten. U kunt de lengte van de bouten definiëren als Trede profiel is ingesteld op het tabblad Treden. |
|
8 |
Definieer de maatlijnen voor de sleufgaten. |
Verbinding tredesteun-naar-trapboom
Definieer de eigenschappen van de bouten die de tredesteun met de trapboom verbinden.
| Beschrijving | |
|---|---|
|
1 |
Definieer de basiseigenschappen van bouten:
|
|
2 |
Definieer de boutgroepmaatlijnen. |
|
3 |
Definieer de boutsamenstelling. Met de selectievakjes wordt gedefinieerd welke componentobjecten (bout, ringen en moeren) worden gebruikt in de samenstelling van de bout. Als u alleen een gat wilt maken, schakelt u alle selectievakjes uit. Om de boutsamenstelling van een bestaande component aan te passen, schakelt u het selectievakje Effect bij wijzigen in en klikt u op Wijzig. |
|
4 |
Definieer de eigenschappen van sleufgaten.
|
|
5 |
Definieer de maatlijnen voor de sleufgaten. |
|
6 |
Selecteer het verbindingstype tussen de trapboom en de tredesteunen:
|
|
7 |
Selecteer de boutrichting. |
|
8 |
Stel de positie van een plaatvormige tredesteun in:
U kunt deze optie gebruiken wanneer u het verbindingstype tussen de treden en de tredesteunen naar de optie |
Lassen
Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:
.