Symbolen in tekeningen toevoegen

Modified: 9 dec 2025 Tekla Structures 2025

Symbolen in tekeningen toevoegen

U kunt symbolen in tekeningen als zodanig toevoegen en bijvoorbeeld in labels, opmerkingen, objectweergaven en lijnpijlen. Symbolen kunnen in de Symbool Editor (SymEd) worden gemaakt en bewerkt. De bestandsextensie voor symbolen is .sym.

Een symbool toevoegen aan een tekening

U kunt symbolen in een geopende tekening als zodanig toevoegen.

  1. Houd in de tekening de toets Shift ingedrukt en klik op het tabblad Opmerkingen op Symbool en een van de volgende symboolcommando's:
    • Symbool: Voeg in de huidige tekening een symbool toe zonder een aanhaallijn.

    • Langs lijn: Maak een symbool langs de lijn die u definieert door twee punten aan te wijzen. Wijs vervolgens een invoegpunt voor het symbool aan.

    • Met aanhaallijn: Voeg een symbool toe met een aanhaallijn die naar het punt wijst dat u het eerste aanwijst.

    U kunt ook Symbool selecteren van de objectenlijst van het eigenschappenvenster van de tekening.

  2. Wijzig de symbooleigenschappen.
    • Symbool:

      Het symboolvoorbeeld toont het huidige symbool en geeft het symboolnummer en de naam van het symboolbestand aan.

      Klik op om een dialoogvenster te openen waarin u het gebruikte symboolbestand kunt wijzigen en een nieuw symbool kunt selecteren.

    • Kleur: Wijzig de kleur van het symbool. U kunt een standaardkleur gebruiken of een eigen RGB-kleur definiëren.
    • Hoogte: Wijzig de hoogte van het symbool.
    • Rotatie: Wijzig de rotatie van het symbool.
    • Kader: Wijzig het type kader en de kleur.
    • Lijn: Selecteer het aanhaallijntype.

      Lijn

      Langs lijn

      Geen aanhaallijn

    • Plaatsing: Selecteer de plaatsingsmethode, positie en gebieden rond het symbool.
      • Plaatsingsmethode:

        Tekla Structures kan met Vrij zoeken naar de eerste geschikte locatie voor het symbool.

        met Vast kunt u het symbool op elke locatie plaatsen.

        Als u de optie Vast gebruikt, dan blijft het symbool waar het is, zelfs als u de tekening bijwerkt, terwijl Tekla Structures probeert om de optimale plaats voor het symbool te vinden met Vrij.

      • Positie: Definieer de gebieden waarin Tekla Structures naar een positie zoekt om het symbool te plaatsen.

        .

      • Afstand s: Definieer de lege marge die u rond het symbool wilt laten.

        Afstand d min.: Definieer de minimale afstand van het symbool tot het object.

  3. Selecteer één tot drie punten in de tekening om het symbool te plaatsen. Het commando Symbool en het type aanhaallijn die u hebt geselecteerd zijn van invloed op het aantal aan te wijzen punten.
    Tekla Structures voegt het symbool toe met behulp van de eigenschappen die u hebt gedefinieerd.

Een symbool toevoegen aan een label

U kunt symbolen in labels toevoegen. U kunt het te gebruiken symboolbestand en het in het label toe te voegen symbool selecteren.

  1. Klik in een geopende tekening op een label.
    Dubbelklik op het label als het eigenschappenvenster niet is geopend.
  2. Klik in labeleigenschappen in de visuele editor op de locatie waar u het symbool wilt toevoegen.
  3. Om het symbool toe te voegen: klik op om de elementenlijst te openen en selecteer Symbool.
  4. Selecteer in het dialoogvenster Labelinhoud - symbool het gewenste symboolbestand in de lijst Symboolbestand.
    U kunt ook een nieuw symboolbestand selecteren in de lijst Symboolbestand en op OK klikken, of dubbelklik op het bestand.
  5. Klik op het symbool dat u wilt gebruiken.
    U kunt ook het nummer van het symbool invoeren.
  6. Klik op OK.

    Tekla Structures voegt het symbool toe aan de geselecteerde labellocatie.

  7. Klik op Wijzigen in de labeleigenschappen.

    Tekla Structures voegt het symbool toe aan het label.

Een nieuw symboolbestand maken

U kunt naast de standaard symboolbestanden die worden geleverd bij Tekla Structures uw eigen symboolbestanden maken en deze bijvoorbeeld opslaan in de model-, bedrijfs- of projectmap.

Als u besluit om uw eigen bestanden te gebruiken, dan kunt u DXK_SYMBOLPATH toevoegen in het bestand options.ini onder de modelmap en daar uw eigen paden naar mappen voor symboolbestanden definiëren. De symboolbestanden worden in een bepaalde zoekvolgorde gelezen. Raadpleeg de onderstaande paragraaf 'Zoekvolgorde voor symboolbestanden'.

  1. Klik in het menu Bestand op Editors > Symbool Editor.
  2. Klik op Bestand > Nieuw.

    U kunt ook een bestaand symboolbestand openen, dit bewerken en het opslaan met een nieuwe naam.

  3. Maak het symbool in de Symbool Editor.
    Schets een nieuw symbool met Tekening: Extra van de Symbool Editor.

    Teken het symbool met de Tekening: Extra van de Symbool Editor. U kunt ook AutoCAD- of MicroStation-bestanden importeren of een kopie tekenen van een afbeelding in een bitmapbestand en deze gebruiken als achtergrondafbeelding in de Symbool Editor.

  4. Klik op Bestand > Opslaan en sla het symboolbestand op in de map die u gebruikt voor het bewaren van uw symboolbestanden, bijvoorbeeld in het de model-, bedrijfs-, of projectmap.

    Als u een bestaand symboolbestand hebt geopend, gebruik dan Bestand > Opslaan als, geef het symboolbestand een andere naam en sla het op in de gewenste map.

    Zie de gebruikershandleiding voor de Symbool Editor in PDF-documentatie voor Tekla Structures voor meer informatie over het werken met symbolen.

Symbooleigenschappen wijzigen

U kunt de eigenschappen van de symbolen in een geopende tekening wijzigen.

  1. Klik op een symbool in een geopende tekening.
    Als het eigenschappenvenster niet is geopend, dubbelklikt u op het symbool.
  2. Wijzig de symboolkleur, hoogte, rotatie, frametype, framekleur en de aanhaallijn.
  3. De plaatsingsinstellingen van symbolen wijzigen.

    Hier kunt u selecteren om vrije of vaste plaatsing te gebruiken en de gebieden definiëren waar Tekla Structures naar een positie zoekt om het symbool te plaatsen, de lege marge die u rond het symbool(en) wilt laten en de minimumafstand van het symbool tot het object (d).

  4. Klik op Wijzigen.
Tekla Structures wijzigt de symbooleigenschappen volgens de wijzigingen die u hebt aangebracht in de symbooleigenschappen.

Pijlsymbolen voor aanhaallijnen aanpassen

Als u bijvoorbeeld geen geschikte aanhaallijnpijl in de lijst Pijl in labeleigenschappen vindt, kunt u een eigen pijl aan de lijst toevoegen.

U moet eerst een nieuw pijlsymbool in de Symbool Editor aanmaken en het gemaakte symbool opslaan in het bestand arrow.sym. Vervolgens moet u de positie van het nieuwe symbool in het bestand arrow.sym aan het configuratiebestand arrow.txt toevoegen, waarin wordt aangegeven welke pijlen voor gebruik in uw omgeving beschikbaar zijn.

  1. In het menu Bestand klikt u op Editors > Symbool Editor om de Symbool Editor te openen.
  2. Open het bestand arrow.sym dat zich in de gemeenschappelijke omgeving bevindt of in uw omgeving onder de map \symbols.
  3. Klik op een leeg symboolvak en schets uw symbool met de tekeningtools van de Symbool editor.

    U kunt ook AutoCAD- of MicroStation-bestanden importeren via Bestand > Importeren.

  4. Wanneer het symbool klaar is, wijst u het symboolvak aan om het nummer van het nieuwe symbool onderin het venster te controleren.

  5. Sla het arrow.sym-bestand op door te klikken op Bestand > opslaan.
  6. Klik op Bestand > Afsluiten om de Symbool Editor te sluiten.
  7. Open het arrow.txt-bestand in dezelfde \symbols map arrow.sym-bestand.

    Het bestand bevat een lijst met symboolnummers.

  8. Voeg het nummer van uw symbool, voorafgegaan door nul (0), toe aan de juiste positie en scheid deze met een komma:

    016,017,018,019,020,021,022,023,024,032,048,049,101,102,110,200

  9. Klik op Bestand > Opslaan om uw wijziging op te slaan.
  10. Voeg een afbeelding van de pijl in de .bmp-indeling in de ..\ProgramData\Trimble\Tekla Structures\<version>\Bitmaps-map op uw computer toe.

    Gebruik de volgende notatie voor de bestandsnaam: dr_dialog_arrow_type_022.bmp.

    Raadpleeg DAK_BMPPATH voor meer informatie over de locaties van de \bitmaps-mappen.

  11. Dubbelklik op een label in een tekening om labeleigenschappen te openen.
  12. Open de lijst Pijl en u kunt zien dat het nieuwe pijlsymbool nu kan worden gebruikt.

Note:

We bevelen aan om een bestandsmap te definiëren voor symbolen, omdat de standaardmappen worden overschreven als u een upgrade uitvoert naar een nieuwere versie van Tekla Structures. Voeg de bedrijfsmap toe aan de variabele DXK_SYMBOLPATH. Raadpleeg voor instructies over het definiëren van een firm-map de gerelateerde sectie hieronder.

Oppervlaktesymbolen in tekeningen toevoegen

U kunt oppervlaktesymbolen toevoegen in betontekeningen met de macro Oppervlaktesymbolen toevoegen.

U moet er voordat u begint voor zorgen dat u een object hebt dat in het model oppervlakte heeft en dat u een betontekening van dat object hebt gemaakt. Controleer ook in de aanzichteigenschappen dat Oppervlakte Zichtbaarheid is ingesteld op Zichtbaar.

  1. Open een betontekening die een onderdeel met een oppervlakte bevat.
  2. Klik op de knop Applicaties en componenten in het zijvenster om de database Applicaties en componenten te openen.
  3. Klik op de pijl naast Applicaties om de lijst met applicaties te openen.
  4. Dubbelklik op Oppervlaktesymbolen toevoegen.
  5. Selecteer in het dialoogvenster Oppervlaktesymbolen maken de tekst die u wilt opnemen in het oppervlaktesymbool van de lijst Beschikbare elementen en voeg de teksten toe aan de Elementen in label door te klikken op Toevoegen >.
  6. Selecteer Alle vensters om symbolen op te nemen in alle tekeningaanzichten of Geselecteerde vensters om de symbolen alleen op te nemen in de aanzichten die u selecteert.
  7. Wijzig indien nodig de lettertype-instelling.
  8. Als u Geselecteerde vensters hebt geselecteerd, selecteer dan de vensters waar u oppervlaktesymbolen wilt hebben.
  9. Klik op Maken.

Tekla Structures maakt de oppervlaktesymbolen volgens de gedefinieerde instellingen. U kunt de symbooleigenschappen en de tekst achteraf wijzigen in de teksteigenschappen die worden weergeven als u dubbelklikt op het symbool. U kunt bijvoorbeeld het symboolbestand en -nummer wijzigen.

Symbool Editor

U kunt de Symbool Editor openen door op Bestand > Editors > Symbool Editor te klikken. In de Symbool Editor kunt u nieuwe symboolbestanden maken en symbolen maken en wijzigen.

Met het dialoogvenster Symboolbestanden in de Tekening Editor kunt u het gebruikte symboolbestand wijzigen. Het biedt ook toegang tot de Symbool Editor.

Wij raden u aan de Gebruikershandleiding van de Symbool Editor te raadplegen, zodat u vertrouwd raakt met het maken van nieuwe symbolen en het wijzigen van bestaande symbolen. U vindt een koppeling naar de handleiding op de pagina PDF-documentatie voor Tekla Structures.

We bevelen sterk aan om de oorspronkelijke bij de applicatie Tekla Structures geleverde symboolbestanden niet te wijzigen. Als u symbolen moet wijzigen, kopieert u het oorspronkelijke symboolbestand en werkt u in de kopie, zodat het oorspronkelijke symboolbestand intact blijft.

Als uw symbolen zich in een beveiligde map bevinden, zijn de symbolen alleen-lezen, omdat u een gewijzigd symbool in een beveiligde map niet kunt opslaan als u geen beheerder bent. Voer in dat geval Tekla Structures als beheerder uit.

Zoekvolgorde voor symboolbestanden

De symboolbestanden (.sym) worden in de volgende mappen en in deze volgorde doorzocht:

  1. Huidige modelmap

    Voeg in de huidige modelmap de extra symboolbestanden toe die u mogelijk nodig hebt.

  2. Alle DXK_SYMBOLPATH-mappen

    De variabele DXK_SYMBOLPATH wordt gedefinieerd in het initialisatiebestand <your_environment>.ini en het Tekla Structures-initialisatiebestand teklastructures.ini.

    Daarnaast kunt u uw eigen DXK_SYMBOLPATH in options.ini onder de modelmap toevoegen en daar uw eigen symboolmappaden definiëren. De padinstellingen in het bestand <your_environment>.ini moeten hier worden toegevoegd.

    De leesvolgorde van de .ini-bestanden die de definitie DXK_SYMBOLPATH bevatten:

    1. teklastructures.ini

    2. <your_environment> .ini

    3. options.ini

Alle gevonden symboolbestanden kunnen worden gebruikt in Tekla Structures. Als er dubbele bestandsnamen voorkomen, wordt het eerst gevonden bestand gebruikt en wordt de rest verwijderd. Als de modelmap een symboolbestand bevat met dezelfde naam als een ander symboolbestand in DXK_SYMBOLPATH, wordt het bestand in de modelmap gebruikt.

Voorbeeld van het tijdelijk overschrijven van een symbool

Als er geen permanente noodzaak is om uw eigen symboolpaden in het bestand options.ini in de modelmap toe te voegen, kunt u symbolen tijdelijk overschrijven. In dit voorbeeld overschrijft u het lassymbool tijdelijk met een aangepast symbool dat zich in uw modelmap bevindt:

  1. Pas het symbool eerst in ts_welds.sym aan.
  2. Kopieer de bewerkte ts_welds.sym in uw modelmap C:\TeklaStructuresModels\ <mymodel>.
  3. Open het bestand options.ini dat zich in uw modelmap bevindt en voeg de regel DXK_SYMBOLPATH=C:\ TeklaStructuresModels\<mymodel>; C:\TeklaStructures\2017\Environments\common\symbols; plus eventuele andere symboolmappen in uw lokale omgeving toe.

Een bedrijfsmap voor afbeeldingen en symbolen definiëren

U kunt een bedrijfsmap definiëren waarin Tekla Structures altijd naar afbeeldingen en symbolen zoekt. Wanneer u afbeeldingen en symbolen in deze map opslaat, hoeft u ze niet naar een andere map te verplaatsen als u een nieuwe versie van Tekla Structures installeert. Bij de installatie van een nieuwe versie worden de bestanden in de bedrijfsmap niet vervangen.

Definieer de bedrijfsmap in het bestand options.ini onder de modelmap of user.ini met de variabele XS_FIRM.

U definieert de bedrijfsmap voor afbeeldingen en symbolen in het bestand options.ini als volgt:

  1. Wijzig het bestand options.ini door de variabele DXK_SYMBOLPATH op te nemen die naar de bedrijfsmap verwijst.

    De variabele DXK_SYMBOLPATH kan meerdere door puntkomma´s gescheiden paden bevatten.

    Vanaf versie 19.0 van Tekla Structures hebben de definities voor de mappaden, zoals %DATADIR% of %XS_FIRM% in DXK_SYMBOLPATH, de paden niet correct geconverteerd als deze werden gebruikt in het bestand options.ini in de bedrijfsmap. Momenteel moet u de absolute paden voor DXK_SYMBOLPATH in options.ini in de bedrijfsmap schrijven, zoals in het onderstaande voorbeeld:

    DXK_SYMBOLPATH=C:\ProgramData\Trimble\Tekla Structures\2020\Environments\common\symbols\;C:\firm\Symbols\;

  2. Klik in de Template Editor op Opties > Voorkeuren > Bestandslocaties en voer het pad naar de bedrijfsmap ook voor Symbolen, afbeeldingen in.
Was dit nuttig?
Indienen
Vorige
Volgende