Hoe het aanhaallijntype een labellocatie van invloed is op een onderdeellabel en oppervlaktelabel
Voor onderdeellabels en oppervlaktelabels kunnen verschillende typen aanhaallijnen worden geselecteerd. Het type aanhaallijn is van invloed op de locatie van het label.
Raadpleeg voor meer informatie over annotatie-objecten en aanhaallijnen Labels, opmerkingen en teksten in tekeningen toevoegen.
|
Type aanhaallijn |
Beschrijving |
|---|---|
![]()
|
Gebruikt altijd een aanhaallijn. |
|
|
Probeert een ruimte voor het label langs het onderdeel te vinden. Als dit niet mogelijk is, gebruikt Tekla Structures een aanhaallijn. |
|
|
Het label bevindt zich altijd langs het onderdeel. Bij onvoldoende ruimte kan het label andere elementen overlappen. |
|
|
Het label bevindt zich altijd binnen het onderdeel. |
|
|
Het label bevindt zich altijd binnen het onderdeel en parallel aan de onderdeelas. |
|
|
Probeert een ruimte voor het label binnen het onderdeel te vinden. Als dit niet mogelijk is, plaatst Tekla Structures het label langs het onderdeel met een aanhaallijn. |
|
|
Probeert voor het label een ruimte binnen het onderdeel te vinden en het label parallel op de onderdeelas uit te lijnen. Als dit niet mogelijk is, plaatst Tekla Structures het label langs het onderdeel met een aanhaallijn. |
![]() |
Plaatst het onderdeellabel langs en in het middel van een onderdeelvlak. De richting van de X-as van het object bepaalt of er wel of niet een aanhaallijn is. Kolomlabels krijgen bijvoorbeeld een aanhaallijn in een XY-vlak, terwijl horizontale liggerlabels de label langs en in het midden van het onderdeelvlak krijgen. |

