Templates in automatische labels toevoegen

Tekla Structures
Aangepast: 14 nov 2024
2025
Tekla Structures

Templates in automatische labels toevoegen

U kunt met de Template Editor aangepaste grafische templates maken (.tpl) en deze als elementen in alle typen labels, maatlijnlabels en associatieve opmerkingen in alle tekeningtypen toevoegen.

In de labeltemplates kunt u gedetailleerde informatie van een instortvoorziening of merk opnemen, zoals het gebruikte submateriaal. U kunt ook een template gebruiken waarmee de eenheid en het aantal decimalen in waarden van een label worden gewijzigd. U kunt met behulp van de Template Editor ook grafische objecten toevoegen.

Als u templates in maatlijnlabels of tags wilt toevoegen, moet u de maatlijneigenschappen in het eigenschappenvenster in een geopende tekening wijzigen. U kunt de maatlijneigenschappen opslaan en de opgeslagen eigenschappen in gebruik nemen wanneer u automatische maatlijnen maakt.

De grootte van de templates in onderdeellabels wordt berekend volgens de werkelijke grootte van de template-inhoud. Bij het berekenen van de exacte grootte wordt alleen rekening gehouden met de lijnen en tekst in de template. Dit betekent bijvoorbeeld dat cirkels of bitmaps in de template geen enkel effect hebben.

Beperkingen: Labeltemplates ondersteunen geen grafische bestanden, zoals de andere grafische tekeningtemplates.

Voordat u een template toevoegt in een label, moet u ervoor zorgen dat de template die u gebruikt geen marges bevat.

Templates in labels toevoegen

  1. Klik op het tabblad Tekeningen & Lijsten op Tekening­eigenschappen en selecteer het tekeningtype.
  2. Laad tekeningeigenschappen die zo dicht mogelijk aansluiten aan degene die u nodig hebt.
  3. Onderdeel-, merk- en betontekeningen: Klik in de optiestructuur aan de linkerzijde op Maken aanzicht, selecteer het aanzicht en de eigenschappen die u wilt wijzigen en klik op Aanzichteigenschappen.
  4. Klik op het labeltype dat u wilt wijzigen.

    Klik bijvoorbeeld op Onderdeellabel.

  5. Dubbelklik in het dialoogvenster met labeleigenschappen op het element Template om dit in de lijst Beschikbare elementen in het label toe te voegen.

    Hierdoor worden alle andere elementen uit het label verwijderd.

  6. Selecteer een template in de lijst in het dialoogvenster Labelinhoud - template.
    Als u nog geen template hebt gemaakt of de template wilt bewerken, kunt u dat vanaf hier doen door Maak nieuw... of Bewerken... te selecteren.

    Vergeet niet dat als u de template hier bewerkt, de wijzigingen in alle tekeningen met labels worden toegepast waarin de gewijzigde template voorkomt.

  7. Klik op OK om naar de labeleigenschappen terug te gaan.
  8. Sla de labeleigenschappen met een unieke naam op, voor een later gebruik.
  9. Afhankelijk van het tekeningtype kunt u het volgende doen:
    • Onderdeel-, merk- en betontekeningen: Klik op Opslaan om de wijzigingen in aanzichteigenschappen op te slaan en Sluiten naar tekeningeigenschappen terug te gaan.
    • Overzichttekeningen: Klik op OK.
  10. Klik op Opslaan om de tekeningeigenschappen op te slaan, klik vervolgens op OK en maak de tekening.
  11. Kopieer indien nodig de opgeslagen bestanden met labeleigenschappen uit de map <model>\attributes naar uw bedrijfs- of projectmap.
Tip:

Standaard wordt in de volgende mappen en in de volgende volgorde naar de labeltemplates gezocht:

%XS_TEMPLATE_DIRECTORY%\mark

ModelDir\mark

%XS_PROJECT%\mark

%XS_FIRM%\mark

%XS_TEMPLATE_DIRECTORY_SYSTEM%\mark

%XS_SYSTEM%\mark

De labelmapnaam kan worden gewijzigd met de variabele XS_TEMPLATE_MARK_SUB_DIRECTORY.

Voorbeeld van een template in een label

Voorbeeld 1: Maak een labeltemplate met aparte waarde velden en tekstelementen

In de Engelse rol van de Amerikaanse omgeving kunt u decimalen in plaats van breuken in uw onderdeellabels gebruiken door middel van een labeltemplate. De template bevat aparte waardevelden en tekstelementen die de breuken naar decimalen en het aantal decimalen wijzigen.

  1. Volg de stappen 1-5 in "Templates aan labels toevoegen" zodat u op het Template element in de lijst Beschikbare elementen dubbelklikt.
  2. Klik in het dialoogvenster Labelinhoud - template op Maak nieuw.

    Hiermee wordt de Template Editor gestart.

  3. Klik op Bestand > Nieuw en maak een nieuwe grafische template.
  4. Klik op Invoegen > Component > Rij.
  5. Selecteer ONDERDEEL als het inhoudstype.
  6. Klik op Invoegen > Tekst, voer L in en plaats dit in de row die u zojuist hebt toegevoegd.
  7. Klik op Invoegen > Waarde veld en plaats het waarde veld rechts van de tekst L.
  8. Schuif in het weergegeven dialoogvenster Selecteer attribuut [ONDERDEEL] omlaag naar PROFILE - Profiel, open de boomstructuur met profielen, selecteer de eigenschap HEIGHT - hoogte en klik op OK.
  9. Dubbelklik op het waarde veld. Wijzig de instellingen als volgt in het dialoogvenster Waarde Veld eigenschappen:
    • Eenheid: inch
    • Decimalen: 1
    • Lengte: 8
  10. Klik op OK.
  11. Klik op Invoegen > Tekst, voer X als tekst in en plaats dit rechts van het waarde veld.
  12. Voeg op dezelfde manier een ander waarde veld voor de breedtegegevens toe (WIDTH - Breedte profieleigenschap).
  13. Klik op Invoegen > Tekst en voeg de tweede X tussen de waarde velden toe.
  14. Voeg het derde waarde veld voor de flensdikte van het profiel toe door de profieleigenschap FLANGE_THICKNESS_1 - Flensdikte 1 te selecteren. Wijzig dan de instellingen als volgt:
    • Eenheid: inch
    • Decimalen: 2
    • Lengte: 4
  15. Klik op Bewerk > Eigenschappen en minimaliseer de hoogte en de breedte van de rij.
  16. Klik op Bestand > Opslaan om de template op te slaan.

    De template wordt standaard opgeslagen als een .tpl-bestand in de map \mark onder de modelmap. U kunt deze template desgewenst naar andere modellen kopiëren.

  17. Klik in Tekla Structures op Lijst verversen in het dialoogvenster Labelinhoud - template om de gemaakte template te bekijken.
  18. Selecteer de template en klik op OK.
  19. Sla de labeleigenschappen met een unieke naam voor later gebruik op.
  20. Afhankelijk van het tekeningtype kunt u het volgende doen:
    • Onderdeel-, merk- en betontekeningen: Klik op Opslaan om de wijzigingen in aanzichteigenschappen op te slaan en Sluiten om naar tekeningeigenschappen terug te gaan.

    • Overzichttekeningen: Klik op OK.

  21. Klik op Opslaan om de tekeningeigenschappen op te slaan, klik vervolgens op OK en maak de tekening.

Voorbeeld 2: Een labeltemplate met een formule in het waarde veld maken

U gebruikt decimalen in plaats van breuken in uw onderdeellabels in de Engelse rol van de Amerikaanse omgeving door een formule in het waardeveld van de labeltemplate toe te voegen.

  1. Volg de stappen 1-5 in "Templates aan labels toevoegen" zodat u op het Template element in de lijst Beschikbare elementen dubbelklikt.
  2. Klik in het dialoogvenster Labelinhoud - template op Maak nieuw.

    Hiermee wordt de Template Editor gestart.

  3. Klik op Bestand > Nieuw en maak een nieuwe grafische template.
  4. Klik op Invoegen > Component > Rij.
  5. Selecteer ONDERDEEL als het inhoudstype.
  6. Klik op Invoegen > Waarde veld en plaats het veld.
  7. Klik in het weergegeven dialoogvenster Selecteer attribuut [ONDERDEEL] op de knop Formule.
  8. Voeg de volgende formule in het vak Formule toe en klik op OK:

    "L " + format(GetValue("HEIGHT"),"Length","inch",1) + " x "+ format(GetValue("WIDTH"),"Length","inch",1) + " x " + format(GetValue("PROFILE.FLANGE_THICKNESS_1"),"Length","inch",2)

  9. Dubbelklik op het waarde veld om het dialoogvenster Waarde Veld eigenschappen te openen.
  10. Stel het Data type op tekst in, voer een naam voor het veld in, bijvoorbeeld PART_MARK en zorg ervoor dat de waarde voor de lengte die u opgeeft in het veld Lengte hoog genoeg is zodat alle opgenomen tekens en getallen erin passen, bijvoorbeeld 20.
  11. Klik op OK.
  12. Klik op Bewerk > Eigenschappen en minimaliseer de hoogte en de breedte van de rij.
  13. Klik op Bestand > Opslaan om de template op te slaan.

    De template wordt standaard opgeslagen als een .tpl-bestand in de map \mark onder de modelmap. U kunt deze template desgewenst naar andere modellen kopiëren.

  14. Klik in Tekla Structures op Lijst verversen in het dialoogvenster Labelinhoud - template om de gemaakte template te bekijken.
  15. Selecteer de template en klik op OK.
  16. Sla de labeleigenschappen met een unieke naam voor later gebruik op.
  17. Afhankelijk van het tekeningtype kunt u het volgende doen:
    • Onderdeel-, merk- en betontekeningen: Klik op Opslaan om de wijzigingen in aanzichteigenschappen op te slaan en Sluiten om naar tekeningeigenschappen terug te gaan.

    • Overzichttekeningen: Klik op OK.

  18. Klik op Opslaan om de tekeningeigenschappen op te slaan, klik vervolgens op OK en maak de tekening.
Was dit nuttig?
Vorige
Volgende