Simple base plate 2 (1031)

Modified: 28 okt 2025 Tekla Structures 2025

Simple base plate 2 (1031)

Met Simple base plate 2 (1031) wordt een voetplaat gemaakt die met het uiteinde van een kolom of ligger is verbonden.

Gemaakte objecten

  • Voetplaat

  • Schotjes (alleen voor W-profielen)

  • Aangelast profiel

  • Steunplaat

  • Lassen

Gebruiken voor

Situatie Beschrijving

Voetplaat gemaakt bij kolomuiteinde

Volgorde van selectie

  1. Selecteer het hoofdonderdeel (kolom of ligger).

  2. Wijs een positie aan.

    Het detail wordt automatisch gemaakt.

Onderdeelidentificatiecode

Beschrijving

1

Voetplaat

2

Schotjes

3

Aangelast profiel

Tabblad Afbeelding

Gebruik het tabblad Afbeelding om de positie en de hoekuitsnijdingen van de plaat te definiëren.

Afmetingen

Beschrijving

1

Offset van de voetplaat vanaf de onderrand van de kolom.

2

Afstand vanaf het invoerpunt van de component tot de onderzijde van de voetplaat.

U kunt de voetplaat verschuiven vanaf het punt dat voor het maken van de component is aangewezen.

3

Hoogte aangelast profiel

Hoekuitsnijding voetplaat

Beschrijving

1

Horizontale afmeting van de hoekuitsnijding.

2

Verticale afmeting van de hoekuitsnijding.

Tabblad Onderdelen

Gebruik het tabblad Onderdelen om de plaateigenschappen te definiëren.

Onderdelen

Optie Beschrijving

Voetplaat

Dikte, breedte en hoogte van de voetplaat.

Schotjes

Dikte, breedte en hoogte van het schotjes.

Aangelast profiel

Selecteer het aangelaste profiel in de profielendatabase.

Steunplaat

Dikte van de steunplaat.

Optie

Beschrijving

Standaard

Pos.nr.

Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel.

Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren.

Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu Bestand > Instellingen > Opties.

Materiaal

Materiaalkwaliteit.

Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu Bestand > Instellingen > Opties.

Naam

De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven.

Tabblad Parameters

Gebruik het tabblad Parameters om de hoekvorm van de voetplaat, de condensatiegaten, het maken van het aangelaste profiel en de extra lengte van de steunplaat te definiëren.

Optie Beschrijving

Plate wrap around

Definieer of de voetplaat automatisch rondom de kolom en bouten, de bouten of de kolom wordt gewikkeld.

  • Rondom bouten en kolom

  • Rondom bouten

  • Rondom kolom

Condensation holes sides 1-4

Definieer 1 - 4 condensatiegaten in de zijwanden van specifieke gesloten profielen, zoals holle doorsneden, vakdoorsneden enzovoort.

U kunt elke combinatie invoeren met de nummers 1, 2, 3, 4.

De opwaartse richting van de component is bepalend voor de plaatsing van het eerste condensatiegat 1 in de wand van het profiel. De volgende gaten 2 - 4 worden met de klok mee geplaatst in de volgende wanden van het profiel.

Halfronde gaten worden geplaatst aan het onderuiteinde van de ondersteunde gesloten kokerprofielen.

Diameter condensatiegaten

Definieer de diameter van de condensgaten.

Hoekvorm voetplaat

Beschrijving

1

Definieer welke plaathoeken opnieuw worden gevormd.

U kunt de hoeknummers in elke volgorde invoeren. Hoeken worden niet opnieuw gevormd als u geen nummers invoert.

2

Definieer de horizontale offset van de plaat vanaf de hartlijn van de bout.

Deze offset werkt wanneer Plate wrap around op Automatisch is ingesteld.

3

Definieer de verticale offset van de plaat vanaf de hartlijn van de bout.

Deze offset werkt wanneer Plate wrap around op Automatisch is ingesteld.

Offset en rotatie van het aangelaste profiel

Beschrijving

1

Definieer de horizontale offset van het aangelaste profiel.

2

Definieer de verticale offset van het aangelaste profiel.

3

Definieer de rotatie van het aangelaste profiel rondom de hartlijn van de kolom.

Het maken van het aangelaste profiel

Optie Beschrijving

Standaard

Het aangelaste profiel wordt niet gemaakt.

Deze optie kan worden gewijzigd met behulp van AutoDefaults.

Het aangelaste profiel wordt gemaakt.

Het aangelaste profiel wordt niet gemaakt.

Steunplaatgrootte

Beschrijving

1

Definieer de extra lengte van de steunplaat.

Tabblad Bouten

Gebruik het tabblad Bouten om de bouteigenschappen te definiëren.

Maatlijnen van de boutgroep

Beschrijving

1

Selecteer hoe de afmeting voor de verticale positie van de boutgroep moeten worden gemeten.

  • Boven: vanaf de bovenrand van het aansluitende onderdeel tot de bovenste bout.

  • Midden: vanaf de hartlijn van de bouten tot de hartlijn van het aansluitende onderdeel.

  • Onder: vanaf de onderrand van het aansluitende onderdeel tot de onderste bout.

2

Maatlijn voor de verticale positie van de boutgroep.

3

Aantal bouten.

4

Boutafstand.

Gebruik een spatie als scheidingsteken tussen de waarden voor de boutafstand. Voer een waarde in voor elke afstand tussen de bouten. Voer bijvoorbeeld twee waarden in als er drie bouten in zitten.

5

Selecteer hoe de afmetingen voor de horizontale positie van de boutgroep moeten worden gemeten.

  • Links: vanaf de linkerrand van het aansluitende onderdeel tot de bout uiterst links.

  • Midden: vanaf de hartlijn van het aansluitende onderdeel tot aan de hartlijn van de bouten.

  • Rechts: vanaf de rechterrand van het aansluitende onderdeel tot de bout uiterst rechts.

6

Maatlijn voor de horizontale positie van de boutgroep.

Rotatie van de boutgroep

Beschrijving

1

Definieer de rotatie van de boutgroep rondom de hartlijn van de kolom, gemeten vanaf het lijf van de kolom.

Het verwijderen van de bout

Optie Beschrijving

Randtolerantie voor het verwijderen van bouten

Definieer de minimale boutrandafstand voor het verwijderen van bouten. De afstand wordt gemeten vanaf het midden van de bout tot de rand van de plaat.

Bouten verwijderen

Definieer welke bouten worden verwijderd.

Voer de boutnummers van de eerste bout in de eerste rij tot de laatste bout in de laatste rij in, bijvoorbeeld 1 3 10. Voer A of a in om alle bouten te verwijderen.

Basiseigenschappen van bouten

Optie

Beschrijving

Standaard

Boutdiameter

Boutdiameter.

Beschikbare diameters worden in de boutsamenstellingendatabase gedefinieerd.

Boutnorm

De boutnorm die in de component moet worden gebruikt.

Beschikbare normen worden in de boutsamenstellingendatabase gedefinieerd.

Tolerantie

De ruimte tussen de bout en het gat.

Draad in mat

Hiermee definieert u of de draad van de bout zich in de geboute onderdelen kan bevinden.

Deze optie heeft geen effect wanneer er bouten met volledige draad worden gebruikt.

Ja

Montage/werkplaats

Locatie waar de bouten moeten worden bevestigd.

Montage

Doordringlengte

Definieert de diepte waarin Tekla Structures zoekt naar delen van de geboute onderdelen. U kunt u instellen of de bout door één of door twee flenzen gaat.

Opmerking

U kunt een opmerking definiëren.

Sleufgaten

U kunt sleufgaten, oversized gaten of tapgaten definiëren.

Optie

Beschrijving

Standaard

1

Verticale maat van sleufgat.

0 heeft een rond gat als resultaat.

2

Horizontale maat van sleufgat of speling van oversized gaten.

0 heeft een rond gat als resultaat.

Gattype

Met Sleufgat maakt u sleufgaten.

Oversized maakt oversized gaten.

Geen gat maakt geen gaten.

Tapgat maakt tapgaten.

Roteer sleufgaten

Als het type gat Sleufgat is, worden de sleufgaten met deze optie gedraaid.

Sleufgat in

Onderde(el)(len) waarin sleufgaten worden gemaakt. De opties zijn afhankelijk van de betreffende component.

Boutsamenstelling

Met de selectievakjes wordt gedefinieerd welke componentobjecten (bout, ringen en moeren) in de samenstelling van de bout worden gebruikt.

Als u alleen een gat wilt maken, moet u alle selectievakjes uitschakelen.

Als u de boutsamenstelling van een bestaande component wilt aanpassen, schakelt u het selectievakje Effect bij wijzigen in en klikt u op Wijzigen.

Extra boutlengte

Definieer hoeveel de bout langer moet worden. Gebruik deze optie bijvoorbeeld wanneer diverse verflagen een langere boutlengte vereisen.

Tabblad Schotjes

Gebruik het tabblad Schotjes om de afmetingen en afwerking van het schotje te definiëren.

Offset van schotje

Beschrijving

1

Offset van het schotje vanaf de voetplaat.

2

Offset van het schotje vanaf de kolom.

Posities van schotjes

Beschrijving

1

Positie van het schotje op de rand van de voetplaat.

2

Definieer aan welke zijden de schotjes worden gemaakt.

Afwerkingsmaatlijnen

Beschrijving

1

De horizontale maatlijn van de afwerking.

2

De verticale maatlijn van de afwerking.

Type afwerking

Optie Beschrijving

Standaard

Geen afwerking

Deze optie kan worden gewijzigd met behulp van AutoDefaults.

Lijnvormige afwerking

Bolle afwerking

Holle afwerking

Geen afwerking

Tabblad Extra gaten

Gebruik het tabblad Extra gaten om de afmetingen van het extra gat te definiëren.

Extra gaten

U kunt definiëren of u enkele of alle extra gaten in Gaten verw. wilt verwijderen.

Afmetingen van het mortelgat

Beschrijving

1

Locatie van het mortelgat vanaf het midden van de kolom in de richting van het lijf.

2

Diameter van het mortelgat.

3

Locatie van het mortelgat vanaf het midden van de kolom in de richting van de flens.

4

Aantal extra gaten

5

Tussenafstand extra gaten

Gebruik een spatie om de tussenafstanden te scheiden. Voer voor elke afstand tussen de gaten een waarde in. Voer bijvoorbeeld twee waarden in als er drie bouten in zitten.

Tabblad Algemeen

Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:

Tabblad Algemeen

Tabblad Berekening

Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:

Tabblad Berekening

Lassen

Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:

Lassen maken

Was dit nuttig?
Indienen
Vorige
Volgende