Generatie van profielen (9)
Met Generatie meerdere profielen (9) worden paneelprofielen voor wanden en plafonds gemaakt.
Gemaakte objecten
-
Stalen liggerprofielen
Gebruiken voor
| Situatie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Stalen liggerprofiel |
Volgorde van selectie
-
Wijs het beginpunt voor het paneel aan.
-
Wijs een punt aan om de x-richting aan te geven.
Deze afmeting definieert ook de breedte van het paneel als u de optie Ltot/# hebt geselecteerd voor Type verdeling in X op het tabblad Parameters.
-
Wijs een punt aan om de y-richting aan te geven.
Deze afmeting definieert ook de hoogte van het paneel als u de optie Ltot/# hebt geselecteerd voor Type verdeling in Y op het tabblad Parameters.
De wand wordt automatisch gemaakt wanneer u het punt voor de y-richting aanwijst.
Tabblad Afbeelding
Op het tabblad Afbeelding ziet u een voorbeeld van paneelprofielen.

Tabblad Onderdelen
Gebruik het tabblad Onderdelen om de onderdeeleigenschappen te definiëren.
Onderdelen
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Profiel |
Selecteer het profiel in de profielendatabase. |
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Pos.nr. |
Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel. Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren. |
Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu . |
|
Materiaal |
Materiaalkwaliteit. |
Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu . |
|
Naam |
De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven. |
|
|
Klasse |
Onderdeelklassenummer. |
Profielen in overspanning maken
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Ja |
Alle profielen worden gemaakt. |
|
Nee |
Geen profielen worden gemaakt. |
|
Ja - 1ste |
Alle profielen worden gemaakt, behalve het profiel dat het dichtst bij de oorsprong ligt. |
|
Ja - laatste |
Alle profielen worden gemaakt, behalve het laatste profiel. |
|
Ja - eerste en laatste |
Alle profielen worden gemaakt, behalve het eerste en laatste profiel. |
|
Eerste |
Het profiel dat zich het dichtst bij de oorsprong bevindt, wordt gemaakt. |
|
Laatste |
Het profiel dat zich het verst van de oorsprong af bevindt, wordt gemaakt. |
Maakrichting
Definieer of de profielen ononderbroken of afzonderlijk, en enkel of dubbel zijn. U kunt met deze instelling ook asymmetrische profielen zoals hoekprofielen roteren door de maakrichting om te draaien.
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Selecteer uit de volgende opties:
|
Einde offset
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Verplaats uiteinde 1/2 |
Stel de begin- en eindoffset in. Verplaatsen 1 is de beginoffset en Verplaatsen 2 is de eindoffset. |
Onderdeelpositie
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Positie in vlak |
Definieer de positie van een onderdeel op het werkvlak. |
|
Rotatie |
Definieer de rotatie van het onderdeel rond zijn as op het werkvlak. |
|
Positie in diepte |
Definieer de positiediepte van het onderdeel. |
Tabblad Parameters
Op het tabblad Parameters definieert u het aantal en de plaatsing van profielen.
Profielen
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Aantal profielen |
Definieer het aantal profielen dat in de x- en y-richting wordt gemaakt. |
|
Afstand tussen de profielen |
Definieer de afstand tussen de profielen in de x- en y-richting. |
|
Type Verdeling in X Type Verdeling in Y |
|
|
Globale verplaatsing |
De offsets die u hier definieert, worden toegevoegd aan de aangewezen punten in het coördinatensysteem van het model. |
|
Combineren |
Geef aan of de profielen worden gemaakt in de x- of y-richting of in beide richtingen. |
|
Afwerking |
Voer de eigenschap Afwerking in die moet worden gebruikt. |
|
Opmerking |
Voer de benodigde extra informatie in. |
|
Naam fabrikant |
Voer de naam van de fabrikant in. |
Tabbladen Prof.// X_m/Prof./Y_m
Op de tabbladen Profiel kunt u de profieleigenschappen in de x- en y-richting definiëren.
Profielen
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Profiel |
Selecteer het profiel in de profielendatabase. |
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Pos.nr. |
Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel. Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren. |
Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu . |
|
Materiaal |
Materiaalkwaliteit. |
Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu . |
|
Naam |
De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven. |
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
In het vlak |
De onderdeelpositie op het werkvlak. |
|
Rotatie |
Rotatie van het onderdeel rond zijn as. |
|
In diepte |
Positiediepte van het onderdeel. |
Tabblad Prop._m
Gebruik het tabblad Eigenschappen om de afwerking, het commentaar en de fabrikant van de onderdelen en de begin- en eindoffset te definiëren.
Eigenschappen
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Afwerking |
Voer de eigenschap Afwerking in die moet worden gebruikt. |
|
Opmerking |
Voer de benodigde extra informatie in. |
|
Fabrikant |
Voer de naam van de fabrikant in. |
|
Klasse |
Voer een klasse voor het onderdeel in. |
|
Verplaats uiteinde 1/2 |
Het eerste vak is de beginoffset van de eerste ligger. Het tweede vak is de eindoffset van de eerste ligger en ook de beginoffset van de tweede ligger (en elke andere ligger tot aan de laatste ligger). Het derde vak is de eindoffset van de tweede ligger (en elke andere ligger tot aan de laatste ligger) en ook de beginoffset van de laatste ligger. Het vierde vak is de eindoffset van de laatste ligger. |

