Buis kruising (22)
Buis kruising (22) bout een of meer windverbanden aan een bestaande knoopplaat, rechtstreeks of met behulp van verbindingsplaten. Verzegelt windverbanden.
Als u een knoopplaat wilt maken, gebruikt u de component Standaard knoopplaat (D6) of het commando voor het maken van een willekeurige plaat.
Gemaakte objecten
-
Verbindingsplaten
-
Eindplaten
-
Koppelplaten
-
Afdekplaten
-
Bouten
-
Lassen
Gebruiken voor
| Situatie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Windverbandprofiel: RHS, W Het RHS-windverband wordt met een koppelplaat op de knoopplaat gebout. Windverbanden met een W-profiel worden rechtstreeks op de knoopplaat gebout. |
Voordat u begint
Maak een knoopplaat en één tot tien windverbanden.
Volgorde van selectie
-
Selecteer het hoofdonderdeel (knoopplaat).
-
Selecteer het aansluitende onderdeel (eerste windverband).
-
Selecteer het tweede aansluitende onderdeel (tweede windverband).
-
Selecteer de volgende aansluitende onderdelen (volgende windverbanden).
-
Klik met de middelste muisknop om de verbinding te maken.
Tekla Structures gebruikt waarden in het bestand joints.def om deze component te maken.
Onderdeelidentificatiecode

| Beschrijving | |
|---|---|
|
1 |
Verbindingsplaat |
|
2 |
Eindplaat |
Tabblad Afbeelding
Gebruik het tabblad Afbeelding om de afmetingen van de plaat en het windverband te definiëren.
Afmetingen

| Beschrijving | |
|---|---|
|
1 |
Definieer de lengte van de rand van de verbindingsplaat. |
|
2 |
Definieer de lengte van het windverband op de verbindingsplaat. Voer, om te voorkomen dat de verbindingsplaat het holle windverband penetreert, een negatieve waarde voor de maat in. |
|
3 |
Definieer de randafstand van de eindplaat vanaf de knoopplaat. |
Tabblad Wvb verb.
Gebruik het tabblad Wvb verb. om eigenschappen van de verbindingsplaat, eindplaat, koppelplaat en afdekplaat te definiëren.
Windverbandverbinding
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Verbindingsplaat |
Dikte, breedte en hoogte van de verbindingsplaat. |
|
Eindplaten |
Dikte, breedte en hoogte van de eindplaat. |
|
Middelste eindplaat |
Dikte, breedte en hoogte van de middelste eindplaat. |
|
Koppelplaat |
Dikte van de koppelplaat. |
|
Afdekplaat |
Dikte, breedte en hoogte van de afdekplaat. |
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Pos.nr. |
Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel. Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren. |
Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu . |
|
Materiaal |
Materiaalkwaliteit. |
Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu . |
|
Naam |
De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven. |
|
|
Afwerking |
Beschrijft hoe het oppervlak van het onderdeel is behandeld. |
Typen windverbandverbindingen
Definieer hoe het windverband met de verbindingsplaat wordt verbonden.
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Het windverband wordt gelast. AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
Het windverband wordt gelast. |
|
|
Het windverband wordt gebout. |
|
|
Het windverband wordt gelast en rondom de moeren geraveeld. |
|
|
Een koppelplaat en een afdekplaat worden gemaakt. |
Uitsnijding in windverband
U kunt indien nodig een uitsnijding in het windverband maken.

Definieer de breedte van de uitsnijding in het windverband waarbij t de dikte van de verbindingsplaat is.
Definieer de lengte van de uitsnijding in het windverband vanaf de rand van de verbindingsplaat.
Afstand knoopplaat tot verbindingsplaat

Definieer de afstand tussen de knoopplaat en de verbindingsplaat.
Ronde uitsnijding in windverband

U kunt indien nodig een ronde uitsnijding in het windverband maken. Voer de radiuswaarde in.
Verbindingsplaat
Definieer of het windverband is geraveeld of dat de verbindingsplaat wordt uitgesneden wanneer de verbindingsplaat met het windverband wordt verbonden.
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Het windverband wordt geraveeld. AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
De verbindingsplaat wordt uitgesneden. |
|
|
De verbindingsplaat wordt uitgesneden, maar het onderdeel van de verbindingsplaat dat binnen het windverband wordt gemaakt, wordt niet verwijderd. |
|
|
Als u de verbindingsplaat uitsnijdt, kunt u de grootte van de opening tussen het windverband en de verbindingsplaat definiëren. |
Aantal verbindingsplaten
Definieer of één of twee verbindingsplaten worden gebruikt om het windverband met de knoopplaat te verbinden.
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Eén verbindingsplaat. AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
Twee verbindingsplaten en een middelste eindplaat aan de uiteinden van de verbindingsplaten. |
|
|
Als een middelste eindplaat wordt gemaakt, kunt u de breedte van de eindplaat definiëren. |
|
|
Selecteer de positie van de middelste eindplaat. |
Afwerking van de verbindingsplaat
Definieer of de verbindingsplaat wordt afgewerkt.
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Er worden geen afwerkingen gemaakt. AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
Er worden afwerkingen gemaakt. |
|
|
Als u afwerkingen maakt, definieert u de verticale en horizontale afmetingen van de afwerking. |
Eindplaten
Als u de eindplaten gebruikt om de windverbanden af te dichten, definieert u de vorm en afmetingen van de eindplaat.
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Rechte eindplaat. Deze optie kan worden gewijzigd met behulp van AutoDefaults. |
|
|
Ronde eindplaat. |
|
|
Afstand van de rand van de eindplaat vanaf de buitenrand van het windverband. |
Afwerking van de eindplaat
Definieer het type en de horizontale en verticale maatlijnen van de afwerking van de eindplaat.

Tabblad Bouten staaf 1
Gebruik het tabblad Bouten staaf 1 om de bouten te definiëren die de windverbanden met de knoopplaat verbinden.
Afmetingen van de boutgroep

| Beschrijving | |
|---|---|
|
1 |
Aantal bouten. |
|
2 |
Boutafstand. Gebruik een spatie als scheidingsteken tussen de waarden voor de boutafstand. Voer een waarde in voor elke afstand tussen de bouten. Voer bijvoorbeeld twee waarden in als er drie bouten in zitten. |
|
3 |
Randafstand bouten. De randafstand is de afstand van het hart van een bout tot de rand van het onderdeel. |
|
4 |
Selecteer hoe de afmeting voor de verticale positie van de boutgroep moeten worden gemeten. |
|
5 |
Maatlijn voor de verticale positie van de boutgroep. |
Basiseigenschappen van bouten
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Boutdiameter |
Boutdiameter. |
Beschikbare diameters worden in de boutsamenstellingendatabase gedefinieerd. |
|
Boutnorm |
De boutnorm die in de component moet worden gebruikt. |
Beschikbare normen worden in de boutsamenstellingendatabase gedefinieerd. |
|
Tolerantie |
De ruimte tussen de bout en het gat. |
|
|
Draad in mat |
Hiermee definieert u of de draad van de bout zich in de geboute onderdelen kan bevinden. Deze optie heeft geen effect wanneer er bouten met volledige draad worden gebruikt. |
Ja |
|
Montage/werkplaats |
Locatie waar de bouten moeten worden bevestigd. |
Montage |
Boutrichting
|
Optie |
Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Boutrichting 1 AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
Boutrichting 1 |
|
|
Boutrichting 2 |
Sleufgaten
U kunt sleufgaten, oversized gaten of tapgaten definiëren.
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
1 |
Verticale maat van sleufgat. |
0 heeft een rond gat als resultaat. |
|
2 |
Horizontale maat van sleufgat of speling van oversized gaten. |
0 heeft een rond gat als resultaat. |
|
Gattype |
Met Sleufgat maakt u sleufgaten. Oversized maakt oversized gaten. Geen gat maakt geen gaten. Tapgat maakt tapgaten. |
|
|
Roteer sleufgaten |
Als het type gat Sleufgat is, worden de sleufgaten met deze optie gedraaid. |
|
|
Sleufgat in |
Onderde(el)(len) waarin sleufgaten worden gemaakt. De opties zijn afhankelijk van de betreffende component. |
Boutsamenstelling
Met de selectievakjes wordt gedefinieerd welke componentobjecten (bout, ringen en moeren) in de samenstelling van de bout worden gebruikt.
Als u alleen een gat wilt maken, moet u alle selectievakjes uitschakelen.
Als u de boutsamenstelling van een bestaande component wilt aanpassen, schakelt u het selectievakje Effect bij wijzigen in en klikt u op Wijzigen.
Extra boutlengte
Definieer hoeveel de bout langer moet worden. Gebruik deze optie bijvoorbeeld wanneer diverse verflagen een langere boutlengte vereisen.
Zigzagsgewijze plaatsing van bouten
|
Optie |
Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Niet zigzagsgewijs AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
Niet zigzagsgewijs |
|
|
Zigzagtype 1 |
|
|
Zigzagtype 2 |
|
|
Zigzagtype 3 |
|
|
Zigzagtype 4 |
Tabblad Ribplaten
Gebruik het tabblad Ribplaten om de eigenschappen en de positie van de koppelplaat en de afdekplaat te definiëren.
Platen
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
Koppelplaat |
Dikte, breedte en hoogte van de koppelplaat. |
|
Afdekplaat |
Dikte, breedte en hoogte van de afdekplaat. |
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Pos.nr. |
Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel. Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren. |
Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu . |
|
Materiaal |
Materiaalkwaliteit. |
Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu . |
|
Naam |
De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven. |
|
|
Afwerking |
Beschrijft hoe het oppervlak van het onderdeel is behandeld. |
Afmetingen van de boutgroep

|
1 |
Aantal bouten. |
|
2 |
Boutafstand. Gebruik een spatie als scheidingsteken tussen de waarden voor de boutafstand. Voer een waarde in voor elke afstand tussen de bouten. Voer bijvoorbeeld twee waarden in als er drie bouten in zitten. |
|
3 |
Randafstand bouten. De randafstand is de afstand van het hart van een bout tot de rand van het onderdeel. |
|
4 |
Afmeting voor de horizontale positie van boutgroep. |
|
5 |
De verticale afmeting van de afwerking. |
| 6 |
De horizontale afmeting van de afwerking. |
Positie van koppel- en afdekplaten
| Optie | Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard De afdekplaat wordt aan beide zijden van de koppelplaat gemaakt. AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
De afdekplaat wordt aan beide zijden van de koppelplaat gemaakt. |
|
|
De afdekplaat wordt onder de koppelplaat gemaakt. |
|
|
De afdekplaat wordt boven op de koppelplaat gemaakt. |
Tabblad Algemeen
Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:
Tabblad Berekening
Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:
Tabblad Berekening
Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:
Lassen
Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:








