Pipe column and beam panel zone (21)

Modified: 15 apr 2024 Tekla Structures 2025

Pipe column and beam panel zone (21)

Met Buiskolom en Plaatligger zone (21) wordt een ligger met een kolom verbinden via een schotje inw. dat door de kolom gaat ter hoogte van de liggerflenzen. U kunt Buiskolom en Plaatligger zone (21) gebruiken voor zowel vierkante als ronde stalen kolommen. H-profielliggers worden als aansluitende onderdelen gebruikt. De liggers van het aansluitende onderdeel kunnen horizon taal of schuin zijn.

Gemaakte objecten

  • Schotjes inw. (penetrerend, binnen)

  • Beugels

  • Console

  • Lassen

Gebruiken voor

Situatie Beschrijving

Liggers verbonden met een kolom via beugels en cantilevers.

Volgorde van selectie

  1. Selecteer het hoofdonderdeel (onderste kolom).

  2. Selecteer de aansluitende onderdelen (maximaal 4 liggers).

  3. Selecteer indien nodig de bovenste kolom als het vijfde aansluitende onderdeel.

  4. Klik met de middelste muisknop om de verbinding te maken.

Onderdeelidentificatiecode

Beschrijving

1

Schotjes inw.

2

Korte columm

Er worden korte kolommen gemaakt tussen eindplaten.

3

Verbinding Platkolom-ligger plaatverbinding (150)

Tabblad Design Dimensions

Gebruik het tabblad Design Dimensions om het type en de lengte van de beugel en de hoogte van de haunch te definiëren.

Beugel en haunch

Optie Beschrijving Standaard

Beugeltype

Selecteer het tredesteuntype.

  • Als u het tredesteuntype instelt op Tredesteun, wordt het onderdeel Plaatkolom-ligger plaatverbinding (150) gebruikt om de ligger met de kolom te verbinden.

  • Als u het tredesteuntype instelt op Cantilever, wordt de ligger rechtstreeks met de kolom verbonden.

  • Als u het tredesteuntype op Hypothetical instelt, wordt de liggerverbinding als eindplaten en korte kolommen gemaakt volgens de liggergrootte.

Tredesteun

Steunlengte

Als u het tredesteuntype op Tredesteunhebt ingesteld, selecteert u of de tredesteunlengte wordt gebaseerd op Referentiepunt (L2) (dit is de standaardinstelling) of Middelpunt (L1). De lengte is gebaseerd op de onderste kolom.

1000 mm

Haunch

Selecteer of de hoogte van de haunch automatisch wordt bepaald.

U kunt deze optie gebruiken wanneer het tredesteuntype Tredesteun is.

Geen

Hoogte Haunch

Definieer de hoogte van de haunch wanneer het tredesteuntype niet Cantilevers is en u Haunch op Gespecificeerd hebt ingesteld.

Rechte tredesteun met dezelfde afmetingen als de ligger

Tabblad Fabrication Dimensions

Op het tabblad Fabrication Dimensions definieert u de afmetingen van Schotjes inw.

Afmetingen

Beschrijving Standaard

1

Opening tussen de kolom en het schotje inw.

0 mm

2

Maximum diaphragm thickness

40 mm

3

Dikte extra buitenplaat

0 mm

5

Dikte extra binnenplaat

0mm

Afmetingen binnenplaat

Beschrijving Standaard

1

Afschuiningsvorm van hoek binnenplaat

Binnenplaat: Concave cirkel

Eindplaat: Geen afwerking

2

Maatlijn afwerkeigenschappen

3

Maatlijn afwerkeigenschappen voor de extra boog

4

Opening tussen de binnenplaat en het binnenoppervlak van de kolom

0 mm

5

Tussenafstanden van de vier hoekgaten van de binnenplaat

Deze optie wordt gebruikt wanneer de diameter van het hoekgat dat gedefinieerd is in 6 > 0 mm is.

100 mm

6

Diameter van het hoekgat dat door de plaat loopt

Er zijn vier hoekgaten. U kunt de diameter definiëren wanneer de kolom een vierkante stalen pijp is.

0 mm

7

Diameter van het middengat dat door de plaat loopt

30 mm

Maatlijnen van de eindplaat

Beschrijving Beschrijving

1

Vorm afwerkingseigenschappen van de eindplaat

Binnenplaat: Concave cirkel

Eindplaat: Geen afwerking

2

Maatlijn afwerkeigenschappen

U kunt de maatlijn definiëren wanneer de vorm van de afwerking op iets anders dan Nee is ingesteld.

0 mm

3

Maatlijnen plaatuitsteking

25 mm

4

Tussenafstanden van de vier hoekgaten van de doorplaat

Deze optie wordt gebruikt wanneer de diameter van het hoekgat dat gedefinieerd is in 5 > 0 mm is.

100 mm

5

Diameter van het hoekgat dat door de plaat loopt

Er zijn vier hoekgaten. U kunt de diameter definiëren wanneer de kolom een vierkante stalen pijp is.

6

Diameter van het middengat dat door de plaat loopt

30 mm

7

De bovenste plaat is een eindplaat, die bovenste plaat wordt genoemd als er geen bovenste kolom is.

Las toegangsgaten

U kunt de toegangsgaten voor lassen voor de eindplaten definiëren.

Maatlijnen speling

Beschrijving Standaard

1

Speling tussen de binnenplaten

100 mm

2

Speling tussen eindplaat en binnenplaat

100 mm

3

Speling tussen de eindplaten

150 mm

Tabblad Panel Parts

Gebruik het tabblad Panel Parts om de onderdeeleigenschappen te definiëren.

Onderdelen

Optie Beschrijving

Tapered Plates

Dikte van de vier taps toelopende platen waaruit de korte kolom bestaat.

U kunt de dikte definiëren wanneer het taps toelopende type en het rechte, korte kolomtype Platen is.

Straight Plates

Dikte van de vier rechte platen waaruit de korte kolom bestaat.

U kunt de dikte definiëren wanneer het taps toelopende type en het rechte, korte kolomtype Platen is.

Tapered Profile

Selecteer het profiel in de profielendatabase.

De profielnaam van een korte kolom kan worden gebruikt wanneer het taps toelopende type en het rechte, korte kolomtype Buis is.

Straight Profile

Selecteer het profiel in de profielendatabase.

De profielnaam van een korte kolom kan worden gebruikt wanneer het taps toelopende type en het rechte, korte kolomtype Buis is.

Optie

Beschrijving

Standaard

Pos.nr.

Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel.

Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren.

Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu Bestand > Instellingen > Opties.

Materiaal

Materiaalkwaliteit.

Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu Bestand > Instellingen > Opties.

Naam

De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven.

Afwerking

Beschrijft hoe het oppervlak van het onderdeel is behandeld.

Rotatie van gewalst staal

Het gewalste staal wordt op de hartas van het hoofdonderdeel geplaatst. Als u een gewalst, tapstoelopend profiel gebruikt, kan de taper excentriek zijn. U moet de rotatie vervolgens wijzigen met de optie Taper Profile Orientation.

Optie Beschrijving Standaard

Panel Plate Size Up

Grotere paneeldikte

0 vergroten

Taper Panel

Selecteer of het paneel taps moet toelopen.

U kunt een extra rotatiehoek definiëren voor de rotatiehoek van het hoofdonderdeel.

Automatisch

Taper Type

Selecteer het taps toelopende type.

Platen

Taper Profile Orientation

Selecteer de rotatierichting van het taps toelopende profiel.

De rotatie volgt het wereldwijde coördinatensysteem.

Als het tapse type van de korte kolom Buildup is, dan kunt u deze instelling gebruiken om de voorkeursrichting van platen te wijzigen.

Voorzijde

Profiel tussen de platen

Selecteer het korte kolomtype.

Buis

Plaatdikte vergroten

Optie Regular Plate Size Up Plate Size Up Grootte omhoog vanwege kolom

Eindplaat

Binnenplaat

De standaardwaarden zijn.

  • Eindplaat: 2

  • Binnenplaat: 1

Als u de maat van een plaat wilt vergroten, stelt u vergroten in. U kunt twee waarden voor de grootte van elke plaat definiëren, voor een dunne plaat en een dikke plaat. Bijvoorbeeld:

  • Grootte waarde voor dunne plaat = 2

  • Grootte waarde voor dikke plaat = 1

  • De standaardwaarde voor randen = 40 mm

Als de vereiste plaatdikte 34 mm is, wordt 2 maten groter toegepast en het resultaat is 45 mm.

Als de vereiste plaatdikte 44 mm is, wordt 1 maat groter toegepast en het resultaat is 50 mm.

Vergrootte plaatmaat

De standaardwaarden zijn.

  • Eindplaat: 1

  • Binnenplaat: 0

In onderstaande tabel staat een voorbeeld van het berekeningsresultaat.

Normale maat groter = 2 Gespecificeerde plaatdikte Plaatmaat groter = 1
t ≦ 6 → 12
6 < t ≦ 9 → 16
9 < t ≦ 12 → 19
12 < t ≦ 16 → 22
16 < t ≦ 19 → 25
 …
32 < t ≦ 36 → 45
< 40 ≦
 t = 40 → 45
40 < t ≦ 45 → 48
45 < t ≦ 48 → 50
48 < t ≦ 50 → 55
50 < t ≦ 55 → 60
 … 

Lassen

Optie Beschrijving

Lasvoorbewerking

Selecteer of u lasuitsnijdingen wilt maken.

De standaardinstelling is Nee.

Vooraf ingestelde lasvoorbewerking

Selecteer of vooraf ingestelde instellingen voor lassen moeten worden gebruikt.

Gebruikerscomponent aan kolom

U kunt gebruikerscomponenten voor lassen, lasuitsnijdingen en extra gelaste platen gebruiken.

Optie Beschrijving

Component

Naam gebruikerscomponent

U kunt gebruikerscomponenten voor verbindingsdetails of verbindingstype gebruiken.

Parameters

Naam van het eigenschappenbestand dat moet worden gebruikt voor de gebruikerscomponent.

U kunt de naam definiëren als u een gebruikerscomponent hebt gespecificeerd.

Tabblad Schotjes inw.

Gebruik het tabblad Schotjes inw. om materiaal, dikte, offset en type van de plaat te definiëren.

Schotjes inw.

Beschrijving

1

Dikte van de eindplaat

2

Offset vanaf de automatisch vastgestelde plaatpositie

3

Schotjestype

Plaatdikte

Pas de hoogste waarde van de volgende opties toe:

  • De dikte wordt bepaald op basis van de dikste plaat tussen de liggerflenzen die zich op dezelfde hoogte bevinden.

  • De dikte wordt bepaald door de waarde van de dikste liggerflens + de extra diktes die op het tabblad Fabrication Dimensions zijn gedefinieerd.

  • De dikte wordt berekend op basis van de vereiste plaatdikte, waarbij rekening wordt gehouden met de dikte en hoogte van de flens van de ligger.

Offset plaat

De plaat-offset is gebaseerd op de automatisch bepaalde plaathoogte. De offset-waarde is de afstand vanaf de referentiehoogte. Gebruik de offset bij het verfijnen van de hoogte van de automatisch bepaalde plaat. Voer een positieve waarde voor de opwaartse offset en een negatieve waarde voor de neerwaartse offset in.

Schotjestype

De hoogte van de plaat wordt automatisch bepaald door de hoogte waarop de liggerflenzen elkaar ontmoeten.

Voorbeeld Beschrijving

In de voorbeeldafbeelding ziet u de meest gebruikte plaatzone.

De buitenste en onderste platen zijn eindplaten.

De andere plaats is een binnenplaat.

Zelfs als twee of meer flenzen zich op een enigszins verschillend niveau bevinden, wordt er één plaats gemaakt als de speling kleiner is dan de minimale plaatspeling die is ingesteld op het tabblad Fabrication Dimensions.

Tabblad Cantilevers

Gebruik het tabblad Cantilevers om de gebruikerscomponenten te definiëren die worden gebruikt.

Gebruikerscomponenten

U kunt definiëren dat een gebruikerscomponent wordt gebruikt voor de bovenste flens, de onderste flens en het lijf.

Component

Naam gebruikerscomponent

U kunt gebruikerscomponenten voor verbindingsdetails of verbindingstype gebruiken.

Parameters

Naam van het eigenschappenbestand dat moet worden gebruikt voor de gebruikerscomponent.

U kunt de naam definiëren als u een gebruikerscomponent hebt gespecificeerd.

Gebruikerscomponenten (bovenste flens, onderste flens)

U kunt gebruikerscomponenten voor lassen, lasuitsnijdingen en extra gelaste platen gebruiken.

De onderstaande afbeeldingen geven voorbeelden van gebruikerscomponenten die op liggerflenzen zijn toegepast.

Gebruikerscomponenten (lijf)

U kunt gebruikerscomponenten voor polygoonlassen en lijfuitsnijdingen gebruiken.

De ligger is het hoofdonderdeel en de korte kolom is het aansluitende onderdeel. Als de lijflassen worden gescheiden door een eindplaat, pas dan een gebruikerscomponent op elke lijfrand toepassen.

De voorbeeldafbeelding hieronder geeft een situatie weer waarin de eindplaat wordt onderbroken en de zijde van het liggerlijf in tweeën is verdeeld.

De voorbeeldafbeelding hieronder geeft het coördinatensysteem weer en de eerste en tweede punten die worden gebruikt om een gebruikerscomponent van het type verbindingsdetail te definiëren.

Tabblad Tredesteun

Gebruik het tabblad Trede steun om de tredesteuneigenschappen te definiëren.

Eigenschappen

Optie Beschrijving

Parameters

Naam van het eigenschapsbestand dat moet worden gebruikt voor Plaatkolom-ligger plaatverbinding (150).

Definieer dit wanneer u Trede steun hebt geselecteerd als het Tredesteun type op het tabblad Design Dimensions.

Profielnaam

Selecteer het profiel in de profielendatabase.

De standaardwaarde is het liggerprofiel wanneer de ligger wordt gewalst.

Size up

Plaatgrootte vergroten

Als u een profiel hebt geselecteerd, wordt de waarde van de profielgrootte gebruikt.

Profile/Flg

Selecteer het materiaal van het profiel/de flensplaat.

Web

Selecteer het materiaal van de lijfplaat.

Deze optie wordt niet gebruikt wanneer het tredesteuntype Buis is.

Tabblad Algemeen

Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:

Tabblad Algemeen

Tabblad Berekening

Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:

Tabblad Berekening

Tabblad Berekening

Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:

Tabblad Berekening

Lassen

Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:

Lassen maken

Was dit nuttig?
Indienen
Vorige
Volgende