Hoekstaal gebout 2 (117)
Hoekstaal gebout 2 (117) verbindt twee liggers met een ligger of een kolom met behulp van hoekstalen. De hoekstalen worden met bouten aan de aansluitende liggers en aan het hoofdonderdeel bevestigd.
Gemaakte objecten
-
Hoekstalen (2 of 4)
-
Bouten
-
Uitsnijdingen
Gebruiken voor
|
Situatie |
Beschrijving |
|---|---|
|
|
Hoekstaalverbinding aan een liggerlijf. |
|
|
Hoekstaalverbinding aan een liggerlijf. Twee aansluitende liggers met verschillende hoogten. |
|
|
Hoekstaalverbinding aan een liggerlijf. De andere aansluitende ligger loopt schuin. |
|
|
Hoekstaalverbinding aan het lijf van de ligger. |
Volgorde van selectie
-
Selecteer het hoofdonderdeel (ligger of kolom).
-
Selecteer het eerste aansluitende onderdeel (ligger).
-
Selecteer het tweede aansluitende onderdeel (ligger).
-
Klik met de middelste muisknop om de verbinding te maken.
Onderdeelidentificatiecode
|
Onderdeel |
|
|---|---|
|
1 |
Hoekstaal |
Tabblad Afbeelding
Gebruik het tabblad Afbeelding om de maatlijnen en de positie van het hoekstaal te definiëren.
Afmetingen
|
Beschrijving |
Standaard |
|
|---|---|---|
|
1 |
Snijlengte voor het aansluitende onderdeel. |
2.25 mm |
|
2 |
Afstand voor de bovenrand van het hoekstaal vanaf de bovenkant van de aansluitende ligger. Met de positie van de bovenrand wordt de hoogte van het hoekstaal gewijzigd. Bij een positieve waarde komt de bovenste positie dichter bij het midden van de ligger en wordt de grootte van het hoekstaal dus kleiner. Bij een negatieve waarde wordt de grootte van het hoekstaal groter. |
Als er geen waarde wordt ingevoerd, is de grootte van het hoekstaal afhankelijk van de bouten en de boutrandafstanden. |
|
3 |
Opening tussen het hoofdonderdeel en het hoekstaal. |
Positie hoekstaal
|
Optie |
Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Er worden aan de linkerzijde en rechterzijde hoekstalen gemaakt. AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
Er worden aan de voorzijde hoekstalen gemaakt. |
|
|
Er worden aan de linkerzijde en rechterzijde hoekstalen gemaakt. |
|
|
Er worden aan de achterzijde hoekstalen gemaakt. |
Tabblad Onderdelen
Gebruik het tabblad Onderdelen om de eigenschappen van het hoekstaal te definiëren.
Hoekstaal
|
Onderdeel |
Beschrijving |
|---|---|
|
L-profiel, L-profiel 2 |
Definieer het hoekstaalprofiel door het in de profielendatabase te selecteren. |
|
Hoek 1 lengte, Hoek 2 lengte |
Definieer de lengte van het hoekstaal op de zijde van het eerste aansluitende onderdeel en het tweede aansluitende onderdeel. |
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Pos.nr. |
Prefix en startnummer voor het positienummer van het onderdeel. Sommige componenten hebben een tweede rij met velden waarin u het positienummer van het merk kunt invoeren. |
Het standaard startnummer van het onderdeel wordt gedefinieerd in de categorie Componenten in het menu . |
|
Materiaal |
Materiaalkwaliteit. |
Het standaardmateriaal wordt gedefinieerd in het vak Materiaal van onderdelen in de categorie Componenten in het menu . |
|
Naam |
De naam die in tekeningen en lijsten wordt weergegeven. |
|
|
Afwerking |
Beschrijft hoe het oppervlak van het onderdeel is behandeld. |
Verplaats L-profielen t.o.v. lijf
Definieer de positie van de steunen.
Tabblad Raveling
Gebruik het tabblad Raveling om ravelingen voor de aansluitende liggers te maken en de eigenschappen van de raveling te definiëren. Definieer de ravelingen voor beide aansluitende liggers.
Vorm van de raveling
Definieer de vorm van de raveling voor de boven- en onderzijde van de aansluitende ligger.
|
Optie |
Optie |
Beschrijving |
|---|---|---|
|
|
|
Standaard Hiermee maakt u een rechte raveling aan de bovenzijde of de onderzijde van de aansluitende ligger. AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
|
Geen raveling |
|
|
|
Hiermee maakt u een rechte raveling aan de bovenzijde of de onderzijde van de aansluitende ligger. Definieer de afmetingen van de raveling. In ligger-tegen-ligger-verbindingen met een schuine aansluitende ligger, wordt de diepte gemeten zoals weergegeven in de afbeelding.
|
|
|
|
Hiermee maakt u een raveling aan beide zijden van het aansluitende onderdeel. Definieer de afmetingen van de raveling. |
|
|
|
Hiermee maakt u een afgewerkte raveling aan beide zijden van de aansluitende ligger. Definieer de afmetingen van de afschuining. |
|
|
|
Hiermee wordt een strook gemaakt. Definieer de lengte van de strook. De flenzen worden volledig uitgesneden. |
|
|
|
Hiermee maakt u een speciaal type rechte raveling. Definieer de afmetingen van de raveling. De raveling staat recht op de aansluitende ligger. Er zijn geen standaardwaarden voor de lengte of diepte. |
Raveelzijde
Definieer aan welke zijde van de aansluitende ligger de raveling wordt gemaakt. U kunt de zijde voor zowel de boven- als onderzijde van de aansluitende ligger definiëren.
|
Optie |
Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Hiermee maakt u een raveling aan beide zijden. AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
Hiermee maakt u een raveling aan beide zijden. |
|
|
Hiermee maakt u een raveling aan de linkerzijde. |
|
|
Hiermee maakt u een raveling aan de rechterzijde. |
Afmetingen van de raveling.
Definieer de afmetingen van de raveling aan de boven- en de onderzijde als u de optie Standaard 50 mm verticaal op Nee hebt ingesteld.
|
Beschrijving |
|
|---|---|
|
1 |
Verticale afmeting van de raveling. |
|
2 |
Horizontale afmeting van de raveling. |
Definitie BCSA-raveling
Definieer of de raveling volgens de specificaties van de British Constructional Steelwork Association (BCSA) is gemaakt.
|
Optie |
Beschrijving |
|---|---|
|
Standaard |
Afmetingen van de raveling. |
|
Ja |
Hiermee maakt u een raveling van 50 mm voor eenvoudige ligger-tegen-ligger-verbindingen. |
|
Nee |
Gebruik de opties op dit tabblad Raveling om de afmetingen van de raveling te definiëren. |
Tabblad Bouten
Gebruik het tabblad Bouten om de eigenschappen van de bouten te definiëren.
Maatlijnen van de boutgroep
|
Beschrijving |
|
|---|---|
|
1 |
Maatlijn voor de verticale positie van de boutgroep. |
|
2 |
Selecteer hoe de afmeting voor de verticale positie van de boutgroep moeten worden gemeten.
|
|
3 |
Randafstand bouten. De randafstand is de afstand van het hart van een bout tot de rand van het onderdeel. |
|
4 |
Aantal bouten. |
|
5 |
Boutafstand. Gebruik een spatie als scheidingsteken tussen de waarden voor de boutafstand. Voer een waarde in voor elke afstand tussen de bouten. Voer bijvoorbeeld twee waarden in als er drie bouten in zitten. |
Zigzagsgewijze plaatsing van bouten
|
Optie |
Beschrijving |
|---|---|
|
|
Standaard Niet zigzagsgewijs AutoDefaults kan deze optie wijzigen. |
|
|
Niet zigzagsgewijs |
|
|
Zigzagtype 1 |
|
|
Zigzagtype 2 |
|
|
Zigzagtype 3 |
|
|
Zigzagtype 4 |
Maatlijnen van de boutgroep
|
Beschrijving |
|
|---|---|
|
1 |
Randafstand bouten. |
|
2 |
Locatie waar de bouten moeten worden bevestigd. |
|
3 |
Aantal bouten. |
|
4 |
Boutafstand. Gebruik een spatie als scheidingsteken tussen de waarden voor de boutafstand. Voer een waarde in voor elke afstand tussen de bouten. Voer bijvoorbeeld twee waarden in als er drie bouten in zitten. |
Basiseigenschappen van bouten
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
Boutdiameter |
Boutdiameter. |
Beschikbare diameters worden in de boutsamenstellingendatabase gedefinieerd. |
|
Boutnorm |
De boutnorm die in de component moet worden gebruikt. |
Beschikbare normen worden in de boutsamenstellingendatabase gedefinieerd. |
|
Tolerantie |
De ruimte tussen de bout en het gat. |
|
|
Draad in mat |
Hiermee definieert u of de draad van de bout zich in de geboute onderdelen kan bevinden. Deze optie heeft geen effect wanneer er bouten met volledige draad worden gebruikt. |
Ja |
|
Montage/werkplaats |
Locatie waar de bouten moeten worden bevestigd. |
Montage |
Sleufgaten
U kunt sleufgaten, oversized gaten of tapgaten definiëren.
|
Optie |
Beschrijving |
Standaard |
|---|---|---|
|
1 |
Verticale maat van sleufgat. |
0 heeft een rond gat als resultaat. |
|
2 |
Horizontale maat van sleufgat of speling van oversized gaten. |
0 heeft een rond gat als resultaat. |
|
Gattype |
Met Sleufgat maakt u sleufgaten. Oversized maakt oversized gaten. Geen gat maakt geen gaten. Tapgat maakt tapgaten. |
|
|
Roteer sleufgaten |
Als het type gat Sleufgat is, worden de sleufgaten met deze optie gedraaid. |
|
|
Sleufgat in |
Onderde(el)(len) waarin sleufgaten worden gemaakt. De opties zijn afhankelijk van de betreffende component. |
Boutsamenstelling
Met de selectievakjes wordt gedefinieerd welke componentobjecten (bout, ringen en moeren) in de samenstelling van de bout worden gebruikt.
Als u alleen een gat wilt maken, moet u alle selectievakjes uitschakelen.
Als u de boutsamenstelling van een bestaande component wilt aanpassen, schakelt u het selectievakje Effect bij wijzigen in en klikt u op Wijzigen.
Extra boutlengte
Definieer hoeveel de bout langer moet worden. Gebruik deze optie bijvoorbeeld wanneer diverse verflagen een langere boutlengte vereisen.
Tabblad Algemeen
Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:
Tabblad Berekening
Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling:
Tabblad Berekening
Klik voor meer informatie op de onderstaande koppeling: